‘s Ochtends vroeg maandag 8 juni 2026 als ik wakker wordt trekt de wind weer wat aan en kunnen we weer zeilen. We lopen lekker en de laatste tientallen mijlen tikken langzaam weg richting Faeröer. Tot ca. 10 mijl voor de kust de wind weer helemaal ophoudt. Hebben we toch verreweg het grootste deel heerlijk kunnen zeilen. Als ik de motor wil starten gebeurt er wederom helemaal niets… Zucht! We hebben hier wel een motor nodig om binnen te lopen want het stroomt behoorlijk tussen de eilanden. We proberen het nog een keer en nog een keer, maar helemaal niets zelfs geen klikje. We proberen van alles, maar nee hij doet het echt niet. Totdat…. Als we tegen beter weten in, toch nog maar een keer op het knopje drukken de motor aanspringt en dan ook loopt als een zonnetje. Voor nu opgelost, maar daar moet wel een betere oplossing voor komen. Al met al wel een heerlijke overtocht met een heel relaxed bakstag windje.
Als we aangekomen zijn in Torshavn (Faraoes), mogen we pas van boort als de politie langs is geweest om onze paspoorten te scannen. Daarna verkennen we het stadje. Torshavn is een levendig en heel gezellig stadje. Ook omdat de economie van de Faeröer vooral draait op visserij en in mindere mate op schapen, en nauwelijks toerisme voelen we de bedrijvigheid. Het doet echt Scandinavisch aan en is daarmee toch weer heel anders dan Lerwick op de Shetlands. We vinden ook een Volvo Penta winkel maar die is al gesloten. We krijgen ook nog een berichtje van de OnWo OnOc dat zij ook problemen met hun motor hebben en daarom ook naar Torshavn komen. Zij worden midden in de nacht de haven binnen gesleept. Gelukkig wordt het hier niet meer echt donker.
Dinsdag 9 juni gaan we eerst op zoek naar iemand die kan helpen met de motor. Na wat heen en weer gevraag krijgen we via via het nummer van Kjartan van HH Service, die ‘s avonds langs kan komen. Tot de avond dus alle tijd om te genieten van de omgeving.
Wij gaan aan de wandel en een stuk door de stad en lopen een stuk langs het riviertje Sandá, waarlangs een prachtig wandelpad is aangelegd.
‘s Middags maken we nog een wandeling te noorden van het centrum. We komen door het Viðarlundin park (met bomen die hier verder vrij zeldzaam zijn) en lopen door richting Hoyvík door een prachtig groen natuurpark met watervalletje en lopen dan langs de kust weer terug. ‘s Avonds komt Kjartan en blijkt onze motor voor het starten een tweede “hulprelais” te hebben. Dat relais is dan ook verdacht en Kjartan neemt het mee om te testen. Hij komt alleen ‘s avonds want overdag zit hij helemaal volgeboekt. ‘s Avonds eten me samen met Martin van OnWo OnOc en Marianne van Timpete heerlijk in de Irish Pub (tip van Kjartan).
Woensdag 10 juni nemen we de bus naar het plaatsje Kirkjubøur met het oudste nog bewoonde houten huis aan het andere kant van het eiland (11e eeuw). We kijken er even rond en lopen dan via een prachtig wandelpad terug over de bergkam naar Torshavn. De ruigheid van het gebergte, de enorme steile wanden en het groen is echt indrukwekkend!
‘s Avonds komt Kjartan langs, hij heeft het relais getest en toen deed ie het prima. Als hij het relais weer inbouwt en de motor start doet het relais het echter toch weer niet. Echt zo’n ellendig probleem dat soms wel maar meestal niet optreedt. Hij gaat dus op zoek naar een vervangend relais.
Donderdag en vrijdags (11 en 12 juni) hebben we een auto. Aranka heeft een heel schema gemaakt wat we allemaal moeten zien en laat ook geregeld weten dat we achter lopen op haar schema. Maar wat we zien is prachtig. We rijden eerst naar het eiland Vágar en maken een wandeling langs het “floating lake” dat vlak naast de oceaan ligt maar wel 32 meter hoger met steile kliffen tussen het meer en de zee. Vanuit een bepaalde hoek schijnt het dat het meer boven de zee “zweeft” (denk met wat verbeelding). We hebben in ieder geval prachtige vergezichten en spectaculaire kliffen vol met nestelende meeuwen en we zien ook een aantal puffins.
Daarna rijden we terug door de tunnel naar het eiland Streymoy waar we oa naar het afgelegen dorpje Saksun rijden, een oud dorpje of gehucht dat ligt aan een lagoon die met hoog water vol loopt vanuit zee en met laag water vrijwel afgesloten is van de zee door een drempel van zand voor de ingang. Als we naar de uitgang lopen zien we het randje strand waarlangs we lopen steeds smaller worden door het rijzende tij. De dorpjes die we bekijken zijn allemaal een soort musea van oude huisjes. Een beetje vergelijkbaar met Marken of Hindeloopen in Nederland.
Vrijdag (12 juni) bekijken we eerst nog wat dorpjes en rijden langs een spectaculair smal weggetje langs hoge kliffen van Eiði naar Gjógv. Zeker als de zon door een open plek in de wolken schijnt is het een prachtig gezicht, deze steile bergen en kliffen. Hierna rijden we door naar Klaksvik. Ik stop netjes voor een zebrapad, waarop de auto achter ons met een flinke dreun op ons inrijdt. Onze auto schiet hierdoor naar voren en ik kan nog net op tijd de rem weer intrappen anders had ik de jongen op zebra aangereden. Meisje van 18 in de auto van haar vader en nog meer geschrokken dan wij. Gelukkig zijn we allemaal ok en valt de bureaucratie erg mee. Naam, nummerplaat en contact gegevens noteren en wat foto’s maken is voldoende. De IPhone doet zijn werk ook, belt automatisch 112, begint mijn broer te appen zonder dat dit nog uit te zetten is. Helaas rijdt de auto niet meer zo goed, er piept van alles en de achterwielen lopen in elke bocht tegen de spatborden aan. We besluiten daarom dat het mooi is geweest en rijden via de Eysturoytunnel (met een onderzeese rotonde) terug.
Zaterdag (13 juni) komt Kjartan opnieuw langs met een nieuw relais en daarna start de motor weer zoals het hoort. Hopelijk is het probleem met het starten van de motor hiermee nu opgelost. Verder lummelen we een beetje, doen de was, kletsen uitgebreid bij met Janneke en Wietze van de Anna Caroline, die ons uitgebreid vertellen over hun vele reizen. ‘s Avonds eten we samen met Marianne en Martin heel gezellig pizza op de Timpete die Marianne heeft gebakken.
Zondag 14 juni huren we opnieuw een auto om onze tocht die eerder abrupt werd afgebroken af te maken en gaan we naar het eiland Kalsoy. We rijden met de auto naar Klaksvik en laten deze daar bij de ferry naar het eiland Kalsoy staan. Op Kalsoy nemen we nog de bus naar het noordelijkste puntje waar we een wandeling maken naar adembenemende kliffen. Hier zijn ook opnames gemaakt van de James Bond film “No time to die”. Het is een prachtige wandeling en mooie uitzichten.
Maandag (15 juni) gaan we naar Vestmanna waar we een soort vleugels zien die in de zee worden gelaten en door de stroming een achtje gaan maken en zo stroom opwekken. De grootste zee vleugel kan zo ongeveer 2 MWatt opwekken. Indrukwekkend om te zien en geen goede plek om ta ankeren als zo’n vleugel onderwater voorbij komst suizen. Zie ook deze site. ‘s Middag gaan we mee op een rondvaart met een toch best grote boot voor ca 40 passagiers die echt tussen de kliffen door vaart en ook twee maal onder een natuurlijk gevormde rots boog of arch doorvaart. Heel spectaculair en we zien ontzetten veel vogels die op de kliffen broeden. ‘s Avonds gaan we heerlijk uit eten in Katrina Christiansen, er zitten hier verschillende ontzettend goede restaurantjes bij elkaar en we genieten enorm van het Faeröerse eten.
Dinsdag 16 juni plannen we een rustdag in en woensdag 17 juni varen we door naar Klaksvik. Donderdag ochtend 18 juni willen we dan als het weer er nog steeds goed uit ziet de oversteek naar IJsland beginnen waar we dan ergens zaterdag vroeg in de ochtend aankomen in Djúpivogur. We hebben ook even contact met Ronne op de Isuma. Zij varen van de Azoren naar IJsland waar we samen verder varen om IJsland heen. Ze zijn inmiddels ter ongeveer ter hoogte van Brest. Dus we verheugen ons er al op om ze hopelijk ergens volgende week in IJsland weer te zien. Al met al hebben we enorm genoten van de Faeröer, op naar IJsland!






















