We zeilen nog steeds lekker (gemiddeld met 6 knopen). Afgelopen nacht viel even de wind weg (even motor aan) en was het werken, omdat de windrichting nogal veranderde. Beetje jammer is de regen die nu vrij continu valt. Dus dan is het met zeilpakken aan even buiten zeilen op orde brengen en daarna vooral binnen zitten met het deurtje dicht!
We zien onderweg weinig. Er is wel veel scheepvaart, dat zien we op de plotter en de AIS, maar deze gaan op relatief grote afstanden aan ons voorbij, dus met het blote oog zien we ze vaak helemaal niet. Het zijn vrachtschepen onderweg naar Paramaribo of richting Europa. Niet altijd staat de bestemming erbij. Maar altijd fijn te weten dat we niet alleen op deze grote plas zitten. Via mail hebben we contact met de 2 andere Duitse schepen, Namastee en Anne. Volgens hun kan je heel lekker ijsjes eten in La Coruna. Tja……
En elke avond doen we heel braaf met het Nederlandse netje mee op de SSB. Maar het is een soort roep in de ruimte, want we krijgen tot op heden geen respons. Iedereen ligt in de haven, behalve wij?!
Maar.. gisteravond…heel plotseling…yess……dolfijnen!!! Dat is altijd top om ze weer te zien.
Onze stroomvoorziening draait als een tierelier. Eigenlijk produceren we te veel, de accus zijn tot de nok toe gevuld en er is voor de kids dus voldoende stroom om films te kijken en luisterboekjes op de radio of andere electronica aan te hebben.
We houden vooralsnog gewoon koers La Coruna aan. De volgende depressie komt er aan en die gaan we voor blijven. Hoe verder we komen hoe meer zekerheid er is wat die depressie doet, of die inderdaad oplost als hij bij de golf van Biscaye aankomt. Dan kunnen we mogelijk nog naar het noorden naar Brest/Falmouth. Zo niet dan gaan we ijsjes en tapas eten….
Onze positie is op 30/06 om 06:30 utc 42-23N 16-34W, koers 70 graden. Het is nog 365 mijl naar La Coruna.
We zijn inmiddels 3 dagen onderweg en hebben er zo’n 400 zeemijlen opzitten vanuit Terceira. We varen nog steeds 70 graden richting La Coruna (nog 500 mijl).
Op dit moment passeert de storm ten westen van ons op een paar honderden mijl afstand. We merken er tot op heden weinig van. We hebben nog steeds zonnige dagen en nachten met mooie sterrenluchten, een maan die steeds voller wordt en een relatief rustige zee. Gelukkig maar dat Maarten van de Ojala zo snel in de gaten had dat deze depressie zich tot een storm zou ontwikkelen. Want hadden we niet deze koers naar La Coruna gevaren maar direct naar Cork gekoerst, dan hadden we toch wel een puist wind van 50 knopen over ons heen gehad en golfhoogten van 6-7 meter. Niet echt ons ding!
Toch moeten we er af en toe wel even bij stil staan dat het een lekkere zee is en mooie dagen en ervan genieten. Dat lukt nu weer, maar ik heb even tijd nodig gehad om in te slingeren. Ook moest ik wennen aan het idee om onze bestemming Cork prijs te geven en naar Coruna te varen (dat is ons tot op heden nog nooit overkomen). Bovendien zitten we de hele tijd naar de weerberichten te kijken en te meten hoeveel wind we waar krijgen, dat ik vergat om te genieten. En wellicht ben ik een beetje oversteekmoe, want als deze oversteek klaar is hebben we in 2 maanden tijd vanaf Sint Maarten er 4000 zeemijlen op zitten met 2 onderbrekingen; op Bermuda (ruim een week) en in de Azoren (ruim 3 weken).
Maar nu na 3 dagen zit ik er weer helemaal in. En het idee om na de volgende depressie van 2-3 juli (die we voor kunnen blijven) toch door naar Cork te varen begint voet aan de grond te krijgen. Een slim idee van onze weergoeroe Jaap, waarbij hij wel voorspelt dat we dan 5 dagen in de regen varen. Maar daar moeten we toch weer aan gaan wennen als we richting Nederland komen. Dus die optie gaan we verder uitzoeken en doorrekenen.
De kids doen het in de tussentijd uitstekend. Ze hebben zelfs nog een luisterboekje ontdekt tussen de 200 stuks, dat ze nog niet eerder hebben geluisterd. Het is er eentje van Jubelientje en haar oma, kinderachtig dachten ze. Maar om de 5 minuten kwamen de lachsalvo’s door de boot toen ze deze beluisterden. Vandaag moeten ze weer school doen. De laatste blokken afronden van het officiele gedeelte van de wereldschool. Voor Wouter is dat nog taal en voor Myrthe nog de spelling van afgelopen jaar herhalen. Komen we weer aan land dan mogen ze het pretpakket met pappa voortzetten. Daar hebben ze veel schik in. Maar dit gaat ze vast ook wel weer lukken.
Onze positie is op 29/06 om 10:16 utc 41-39N 19-06W
Nederlanders zeilen overal
We komen vrijdag 19 juni om 20.00 uur aan in Terceira, in de jachthaven van Praia Vitória. We meren af aan de receptiesteiger, want verder is de haven vol. Die avond ondernemen we niet echt meer iets, maar kletsen gezellig wat met onze buren, ook Nederlanders. Het valt ons op dar er relatief veel Nederlandse zeilers zijn op alle plekken waar wij de afgelopen maanden zijn langsgekomen. Voor zo’n klein landje treffen wij ze toch erg vaak aan in de havens met geweldige reisverhalen.
De kinderen stuiteren deze avond nog over de steigers en gaan ook op bezoek bij de Lotus. Carla en Co voelen zich net opa en oma, maar ik ga ze toch gauw ophalen als ik ze over de hele haven heen hoor. Tijd om naar bed te gaan.
Een bloementuin onder het buurschip
Zaterdagochtend 20 juni hebben we brood nodig voor het ontbijt. Met het hele gezin gaan we een bakker zoeken en wandelen door het gezellige plaatsje heen. We vinden uiteindelijk een grote supermarkt met lekkere broodjes. Terug op de boot ontbijten we heerlijk buiten in het zonnetje. Dan komt er een box vrij in de haven waar we beter kunnen liggen, dus dat doen we direct. In de box ligt het rustiger dan aan de buitenzijde van de receptie stijger. Met de helpende handen van Co en Carla gaat dat ook supersnel en we liggen nu naast Zwitserse buren met 3 honden en een prachtige bloementuin die aan de onderzijde van hun schip is aangegroeid (soort koraaltuin, ontstaan in 3 jaar dat ze hier in de haven wonen).
Angra de Heroísmo = Unesco werelderfgoed
In de middag pakken we de bus naar Angra de Heroísmo, waar de haven ligt waar we eigenlijk naar toe hadden willen gaan, maar waar het door het feest Sanjoaninas en een Regatta helemaal vol ligt. Tijdens de busrit zien we buiten de haven de zeilrace op het water met ca. 50 boten. In Angra aangekomen drinken we eerst een kop koffie op een terrasje en proeven de gezellige sfeer. Als we naar de haven lopen is deze erg rustig nu veel schepen aan het racen zijn op het water. De haven ligt prachtig in een kom waar je de stad Angra prachtig boven een hoge muur ziet liggen. Het is wel duidelijk waarom dit plaatsje Unesco werelderfgoed is geworden.
Vooral als je de tuin bezoekt midden in het centrum blijf je foto’s maken van deze historische plaats en de prachtige uitzichten. De tuin is gemaakt op een berg, waar vroeger het eerste kasteel van Angra lag. Bovenop staat een obelisk als gedenkteken van de koning D.Pedro IV uit de 15e eeuw die in het toenmalige kasteel leefde. Ook staat er een bord met naar alle hoofdsteden van o.a. Europa een richting aanwijzer en de afstand. 2800 km naar Brussel maakt duidelijk dat we nog best een eind van huis zijn.
We proberen in Angra iets mee te krijgen van het festival Sanjoaninas. Maar we begrijpen niet helemaal hoe het programma in elkaar zit en wanneer de stieren hier door de straten rennen, jazeker je leest het goed, alhoewel we toch echt in Portugal zijn heben ze hier ook van die vreemde Spaanse gewoontes…. Het toeristenbureau is gesloten en de winkels zijn al dicht. Een politieman helpt ons en geeft aan dat de beroemde stierenrennen vandaag niet in het centrum zijn en niet bereikbaar voor ons zijn zonder auto. Dat is jammer, maar we genieten van het plaatsje, snacken wat, terwijl een klein groepje marathon renners en fietsers door de haven scheuren. Daarna nemen we de bus terug naar Praia Vitória.
Het water is super super koud!
Zondag 21 juni willen de kinderen een vrije dag, zonder auto en bezoeken van plaatsjes. Ze willen lekker zwemmen. Wij vinden het goed, want Roelof en ik hebben nog genoeg te doen aan het schip, de blog, schoolresultaten mailen naar de wereldschool en E.L.S., skypen met het thuisfront enz. Als ze daarna de hele dag op hun i-pads blijven spelen sturen we ‘s middags naar het strand om te zwemmen. Met zijn tweeën gaan ze op pad en ruim een half uur later zijn ze weer terug. “Het water is super super koud!!!”
Co en Carla komen na hun uitstapjes van die dag gezellig even langs voor een wijntje en ze zijn inmiddels veel meer te weten gekomen over het festival en leuke uitstapjes op Terceira. Dankbaar nemen we alle tips in ontvangst, want die kunnen we morgen goed gebruiken als we zelf op stap gaan. Die avond eten we lekker aan boord.
Maandag 22 juni doet Roelof weer het school pretpakket met de kids dat bestaat uit topografie, geschiedenis en natuur. Wouter draait mee met het lespakket uit groep 6 van Myrthe. Omdat hij wat minder vragen krijgt verveelt hij zich af en toe. Maar ja hij steekt er toch best aardig wat van op.
Pahoehoe- en touwlava Na school huren we een auto en gaan snel op verkenning. Omdat het een beetje regenachtig is gaan we eerst naar de noordkust naar de plaats Biscoito. Daar schijnt de zon alweer en we kijken hier bij een natuurlijk zwemparadijs tussen het vulkanisch gesteente in zee. Biscoito is ook bekend om zijn wijnen en het landschap ziet er vergelijkbaar uit als op Pico, met druivenranken op veldjes tussen muurtjes ter bescherming tegen erosie. Daarna rijden we door het prachtige groene landschap en bossen dwars over Terceira. Geweldig dat ze zich hebben gehouden aan de regel om niet boven 200 meter te bouwen, daardoor is er nog volop mooie en ongestoorde natuur.
We gaan naar de grotten, eerst Algar do Carvão en daarna Natal Caves. De eerste grot is ontdekt toen er een aantal koeien verdwenen zo’n honderd jaar geleden (ze vielen door een gat pardoes in de grot). De grotten zijn echter meer dan 3000 jaar oud en ontstaan bij een vulkaanuitbarsting, waarbij lava zich een weg naar buiten zocht. Er hangen stalachtieten en mieten, die ca 1 cm per 100 jaar groeien. De kleuren zijn prachtig en het binnenmeer is ijskoud, 5 graden celcius. De grot Natal is minder groots en ruim. Je struint echt door gangen van oud versteend lava. En de verschillende soorten lava die hier gestroomd heeft en/of gestold is heeft verschillende namen zoals touw-lava, pahoehoe lava, enz. Myrthe kan ons zowaar bijna door de grot heen gidsen, want zij heeft tijdens de spreekbeurt van Hugo in groep 5 al heel veel over lava geleerd, wat ze nu in de praktijk weet te herkennen. De kids verdwijnen op een gegeven moment ook nog een hele nauwe gang in, net een stel speleologen met hun helmen op. Roelof gaat er met zijn lange lijf ook nog achteraan en dan heb ik spijt van de witte broek die ik aan heb. Ik blijf dus bij de ingang onrustig wachten tot alles er weer heelhuids uitkomt. Stierenrennen in Angra de Hiroísmo
Na de grotten is het opgeklaard en prachtig weer geworden. We rijden verder over Terceira en gaan naar een uitzichtspunt hoog op de berg Santa Barbara en vervolgens weer naar de kustplaats Cinco Ribeiras naar een kaasfabriek. Terwijl de kids uitgeput in de auto liggen te slape, drinken wij wat fris en eten heerlijke blokjes Terceira kaas. De kids uitgeslapen en wij met nieuwe energie gaan daarna door naar Angra do Heroísmo, want we willen nu wel graag het stierenrennen zien.
We hebben vorige keer in Angra tv beelden gezien, van allerlei incidenten, waarbij de stier ook over muurtjes klom en het publiek op de horens nam. We zijn dus gewaarschuwd. Gespannen zoeken we naar de locatie in de stad en weten deze met vriendelijke hulp van bewoners aan wie we de weg vragen te vinden. We zetten de auto weg en zoeken een plaatsje in de straat achter een muur. Alle huizen en tuintjes zijn afgezet met planken en iedereen zit erachter of loopt nog op straat te kletsen. Een mevrouw in een auto gaat nog parkeren in de straat, terwijl het echt bijna begint. En ja hoor daar horen we het eerste startschot. De stier is los. De vrouw in de auto weet nog net een binnenparkeerplaats op te rijden. Vol spanning kijken we de straat in en zien even later een jonge mooie stier, nummer 79 door de straat stuiven. Hij zit vast aan een touw en de toreadoren (grijze broek, witte blouse en zwarte hoed) letten goed op en houden de stier in voordat hij het publiek in rent aan het einde van de straat. Een aantal waaghalzen dagen de stier steeds uit. Het kost hen een paraplu. Maar verrassend hoe men zich steeds weet te redden. Het is best spannend, zeker als de stier staat te snuiven en met zijn poot over de straat schraapt voor een volgende aanval. Maar het is ook een beetje gek dat alle mensen achter een muurtje het arme dier zitten op te jagen. Myrthe vindt dit niet eerlijk. Maar ja deze beroemde traditie op Terceira is ook wel bijzonder en gelukkig wordt er geen stier doodgemaakt. Na 20 minuten zorgen de toreadoren dat de stier weer in zijn kooi gaat en wordt met twee pistoolschoten kust veilig gegeven. Wij begrijpen Myrthe wel en hebben zo genoeg gezien en gaan er weer vandoor. Als we net weer in de auto zitten horen we het volgende enkele pistoolschot en weten we dat de volgende stier achter in de straat nu los is. Maar wij rijden naar het centrum naar het restaurant Beira Mar, aan de haven. We eten traditionele gerechten, waarbij de soep heel speciaal in een brood wordt opgediend. Heerlijk gegeten. Als we daarna nog even door Angra wandelen, valt ons op dat alle bezoekers zich verzamelen in een straat. Op de trappetjes voor een kerk nemen wij ook plaats en zien een parade van muziek korpsen e.d. langslopen. Wouter raakt met andere Nederlanders aan de praat en dat blijken de schippers van Synergie te zijn, een ander vertrekkersschip waar we al veel over hebben gehoord. Moe en voldaan gaan we terug naar de boot en vallen nu allemaal uitgeput in slaap.
Gaan we ons schip ooit weer leeg eten?
Dinsdag 23 juni nemen we afscheid van de Lotus. Zij gaan naar de haven Angra en hebben nog wat meer tijd om ook Graciosa, een ander eiland van de Azoren te bezoeken. We zwaaien ze uit. Daarna gaan wij weer eens boodschappen doen want ook onze vertrekdatum naar Ierland komt naderbij. We laden ons schip weer vol, eigenlijk best veel voor een oversteek van nog geen 2 weken. De vraag is of we ons schip ooit echt leeg kunnen eten. De kids spelen ondertussen met Lasse en Neele van het Duitse schip Anne en gaan naar het strand en hebben ook nog een verjaardagsfeest met een BBQ. Leuk hoor, behalve als ze vol zwart lavazand weer terug komen op mijn pas gepoetste boot.
De dagen daarna zitten we te puzzelen of we al kunnen vertrekken en is er regelmatig contact met de Ojala en de Duitse schepen Anne en Namastee (vooral de kinderen spelen en logeren over en weer).
Er komt nog een depressie over (met 30 knopen wind de bergen af de haven in; ca. 7 Bft) en een schip wat ankert bij het strand ligt helemaal aan lager wal en we zien hem ineens krabben en losraken. De soloschipper probeert nog weg te varen. Echter komt zijn schroef vast te zitten in de lijnen van het zwemgebied. Dat is een geluk bij een ongeluk, want daardoor waait hij niet op het strand. De pilotboot weet het schip even later weer vlot te trekken. Geen idee wat hem heeft bezield om juist die dag uit de haven te vertrekken en in het ankergebied te gaan liggen met zoveel wind!
Omdat we zo twijfelen over het weer, heb ik nog een heerlijke winkeldag met mijn dochter. Erg leuk om samen met haar in de aanbiedingen te duiken en te kijken wat we van onze gading kunnen vinden. Ik krijg leuke kleding adviezen van dochterlief. Maar Myrthe vaart er zelf ook wel bij, want uiteraard scoort zij die dag ook nieuwe sandalen en een rode jurk.
We verwachten vrijdag 26 juni de trossen los te kunnen gooien en zien een weergaatje tussen allemaal lage luchtdrukgebieden door. Dan zijn we ca. 9 dagen onderweg naar Cork in Ierland.
Flores lag volledig in de wolken toen we dit eiland aanliepen. We konden het vaag ontwaren op 20 mijl afstand. Pas dichterbij gekomen zag je hoe hoog het was (900 meter) en hoe groen en ruig. De kust loopt steil omhoog, maar bevat ook kleine strandjes met zwart vulkanisch gesteente. Op de groene glooiende hellingen zien we diverse plaatsjes liggen met witte huizen en rode daken. Het eiland is niet groter dan 17 km lang en 12 km breed en heeft minder dan 4000 inwoners.
De haven van Laies is prachtig als we hem op drie juni aan lopen terwijl we het dorp tegen de glooiende helling zien liggen. Eenmaal binnen aan de steiger ontmoeten we ook de havenmeester. Wat een ontzettend vriendelijke en gemoedelijke man is dat. Omdat het een kleine haven is raken we heel makkelijk met de andere zeilers in gesprek en is de haven net een klein en heel gezellig dorpje.
We ontmoeten hier ook de boot “Selkie”, met een Ierse familie aan boord, met een meisje van 6 en een jongen van 11. Die vragen of Wouter en Myrthe zin hebben om te komen spelen. Myrthe en Wouter hebben 2 weken zo op elkaars lip gezeten, dat wij denken dat dat heel leuk is. De kinderen denken daar echter anders over en hebben in eerste instantie nog geen zin. Pas twee dagen later na enige stimulans van ons, en nog een uitnodiging van de Selkie, gaan ze samen spelen en komen helemaal enthousiast terug. Erg leuk dat het goed klikt, want de Selkie vaart net als wij richting Cork in Ierland.
De dag van aankomst rommelen we wat op de boot en in de haven, voeren ons afval af (3 kleine vuilniszakken voor 15 dagen) en proberen voor de volgende dag een auto te huren. In de avond gaan Roelof en de kids vlak bij in de snackbar een hapje eten. Het is een verrassing hoe weinig het hier kost (1 euro voor een koffie of bier en 1 euro voor een patatje). Omdat ik in de oversteek zo gewend ben om om 20.00 uur naar bed te gaan, val ik ook nu heel snel in slaap. Ik sla het avondeten dus maar even over. Wel horen we die nacht gekke geluiden buiten, het blijken meeuwen te zijn, die in de nacht terug komen en tegen de berghelling zitten. Ze maken een bijzonder geluid, net alsof ze neusfluitjes hebben (aue-aue-aue). Nog nooit eerder gehoord. En in de ochtend als de zon opkomt zijn ze alweer verdwenen en hoor je ze niet meer.
De volgende ochtend wandel ik het dorp Laies in op zoek naar de supermarkt. Wekelijks wordt er vers aangevoerd en het schip is gisteren net geweest. Mooi om wat fruit aan te vullen en een vers brood en wat zuivel. Ik heb niet eens veel nodig, want ik heb nog steeds groenten en fruit van Bermuda.
Het is leuk om de berg een stuk op te wandelen. Er staan prachtige bomen, die net in bloei staan en helemaal rood zijn en gonzen van de bijen. En de mensen hier zijn werkelijk zo ontzettend vriendelijk. Terug krijg ik ook direct een lift aangeboden en wordt ook hulp aangeboden, voor het geval ik nog was heb. Zo heb ik het nog niet eerder meegemaakt.
Als ik terug kom heeft Roelof al een auto geregeld en gaan we snel op pad. We rijden over diverse weggetjes en stoppen onderweg bij alle mooie uitzichtpunten en dorpjes. Aan de zuidkant van het eiland is ook een wandelroute die helemaal naar beneden loopt naar het strand. Het is een erg leuke route en wij lopen het fraaie stuk langs de rotsen langs de kust tot we een mooi uitzicht hebben op het strand en lopen dan weer terug naar boven.
We zien de Rocha das Bordoes, een prachtig punt in het lava gesteente wat net op een stel orgelpijpen lijkt. Dan rijden we door naar Poco da Alagoinha, een groene rots met meerdere watervallen die uitkomen in een meertje. Als je daar beneden staat en de spiegeling van de rotswand in het meertje zien en een sterntje dat nog wat probeert te vissen, wordt je daar echt stil van.
We kijken ook nog bij een hele oude watermolen, die nog steeds werkt. De dame die alles regelt laat ons onder het huis ook het molenrad zien en we krijgen zelfs nog wat maismeel mee, om pannenkoeken van te bakken. De molen dateert van 1862. Grappig dat het nog steeds functioneert.
Dan rijden we naar een dorpje Aldeia da Cuada, waar de tijd stil is blijven staan. De huizen zijn gebouwd van stenen uit het lava gehakt en het is er een bloemenweelde. Daar is ook een café en we drinken een heerlijke cappuccino.
Dan rijden we dwars door de bergen van Flores heen en komen langs enkele prachtige meren die bovenop in de krater van de oude vulkaan liggen. Het ene meer ziet er zwart uit, het andere blauw en het volgende groen. Het is niet te geloven die kleuren en de mooie uitzichten.
Daarna is de dag eigenlijk al zo goed als om en is het tijd voor een hapje eten. We rijden terug naar Laies en gaan naar het restaurant, wat ons is aanbevolen door de Elida 6 (zeiljacht waarmee we op weg naar de Azoren steeds contact hadden). Het restaurant heet Casa do Rei een stukje buiten Laies. We worden heel vriendelijk ontvangen en het ziet er huiselijk gezellig uit. Voor de kinderen hebben ze zelfs een speelhoek ingericht. We eten heerlijk en alle groenten verbouwen ze zelf. Voor de kinderen is het een feestje, omdat de gastvrouw veel aandacht schenkt aan de kinderen en leuke kinderglazen gebruikt en de etensborden versiert met snoepjes. Top, aanradertje dus.
Als we daarna terug zijn in de haven is helaas het weer aan het veranderen. Een donkere wolk komt steeds verder over de berg heen onze kant op. Dat is jammer, want het is een feestavond in Laies. Er is een processie, waarbij één van de beelden uit de kerk -die langs alle kerkjes op het eiland is geweest- weer terug komt in de kerk van Laies. Het is zo’n speciale gelegenheid dat de mensen een hele loper van bloemen hebben gelegd door de hele straat. Het ziet er prachtig uit, maar helaas blaast het een beetje uit elkaar door de windvlagen onder een donkere wolk die er overwaait. En net als het beeld arriveert regent het ook nog, waardoor alle kaarsjes langs de loper uitgaan. Maar de mensen deert het niet, het is hun feestje en het is een mooie optocht. Daarna gaan ze in de kerk zingen. Een gedeelte luisteren we, maar dan laten we hen rustig met hun eigen feest. Het was al een cadeautje dat we dat een stukje mochten meemaken.
De volgende ochtend hebben we de auto nog tot 12 uur. Wij springen dus vroeg uit bed en rijden naar Santa Cruz aan de oostzijde van Flores. Daar waren we nog niet geweest. Hier was vroeger de jachthaven, maar het is zo rotsachtig en smal, en zonder steigers dat je hier nu echt niet meer wil liggen met een jacht. Maar wat bijzonder is, is het walvismuseum in de oude walvisfabriek, waar de walvisolie werd vrijgemaakt en bewaard. Het is naar om te zien hoe er op walvissen is gejaagd in het verleden. Maar het vertelt zo veel over de karakters van de mensen en hun voorouders hier. De walvisvaart was namelijk niet ongevaarlijk, vroeg veel geduld en vooral moed en was hard werken, omdat de walvissen zo stil mogelijk via roeiboten werden benaderd (terwijl het niet eens veel verdiende). De mensen hier op de Azoren en Kaapverden waren hier zo ontzettend goed in dat ze over de hele wereld beroemd werden en overal op de walvisvaart de schippers werden. Je ziet ook dat ze heel trots zijn op die periode en hun vaardigheden. Ze jaagden op potvissen, want die hebben heel veel olie in hun hoofd. Uiteraard hebben ze zo veel olie in hun hoofd, omdat ze heel diep duiken voor hun eten (1000 meter) en daar is geen licht en “kijken” de potvissen door middel van echo. De olie in hun hoofd is om de echo’s op te vangen. En zoals wij het geluid van tikken op glas kunnen onderscheiden van bijv. dat van tikken op een rots, zo herkent de potvis onder water ook de geluiden via echo.
Als de potvis onder water duikt dan komt zijn staart boven en duikt hij echt verticaal naar beneden. Hij kan wel een uur onder water blijven. Maar daarna moet hij weer lucht happen en komt hij weer boven en dat is meestal niet ver van waar hij eerst was. Je ziet dan 5 keer per minuut zo’n enorme spuit de lucht in gaan, wat verraad waar hij zich dan weer bevind. Zo werden ze vanaf land gespot en gingen de walvisvaarders er achteraan. De walvisjacht heeft in de jaren zestig zijn top gekend op de Azoren en is medio 1980 ingestort onder andere omdat de vraag naar levertraan (uit walvisolie) verdween (en uiteraard ook omdat er een verdrag is gekomen om walvissen te beschermen). Gelukkig maar, want als je ziet hoe de dieren werden geharpoeneerd en daarna met veel pijn vochten voor hun leven, is dat niet meer te verkopen. Het enige wat dan nog positief is aan de fabriek is dat werkelijk alles van de walvis van kop tot straat werd gebruikt voor zeer verschillende doeleinden. Dus geen verspilling van het dode dier. Gelukkig bieden in deze huidige tijd de walvissen, die vooral langs de Azoren zwemmen (koud diep water met veel krill) een mooie attractie voor de toeristen. Er zijn per eiland enkele bedrijven die walvis en dolfijnen tours maken. Het valt op dat het juist de kleinere bedrijfjes zijn die het belang inzien van afstand houden, met maximaal 3 boten binnen 150 meter varen en minimaal op 50 meter van een walvis en veel respect voor de dieren hebben. Zij halen tijdens hun tour ook plastic, touwen en andere troep uit het water als dat wordt gezien. En er worden tijdens dit soort tours ook biologische registraties (wetenschappelijk onderzoek) gedaan en foto’s gemaakt van de staartvin (vingerprint) en dergelijke om de migratie rond de Azoren in kaart te brengen. Het is leuk om zelf (maar ook voor de kinderen) meer over walvissen te leren. En we weten nu ook dat de vinvissen nu verder naar het Noorden trekken en we er niet veel meer zullen zien rond de Azoren (is al relatief laat om ze nog te treffen), terwijl de potvissen het hele jaar rond hier kunnen verblijven.
Tja en na het indrukwekkende walvismuseum rijden we snel terug naar de haven. We doen nog even snel snel boodschappen en dan is het alweer twaalf uur en moeten we de auto inleveren. Even later komt de Ojala binnenvaren, mooi voor de depressie en met de mast keurig vastgesjord met dyneema-lijn waar de stag is gebroken. Zo fijn om Anna en Maarten weer te zien en we hebben lekkere toast en croissants voor ze. En we horen al hun belevenissen van de oversteek.
Die dag bereiden wij ons voor om de volgende dag te vertrekken. We mogen van de Distant Shores II de pilot boeken van Schotland en Ierland overnemen. Dat is super, want die hadden we nog niet. En ze hebben nog goede tips meegegeven wat leuke plekjes zijn om te bezoeken en het Crinan kanaal waar je door kan varen.
Die avond eten we samen met Anna en Maarten bij Braia du Mar in het plaatsje Laies. Ongelofelijk lekker gegeten met 6 personen voor 50 euro. Dat is zo goedkoop vergeleken bij Bermuda, dat we het bijna niet kunnen geloven.
Die nacht klimmen we op tijd uit bed, want de Batjar komt om 02.00 uur binnen. Knap schipperswerk in het donker met de rotsen vlak bij de haveningang. Ook zij zijn blij dat ze er zijn. En de volgende ochtend komt de Sark binnen. Het wordt bijna een NL invasie. Maar fijn dat ze veilig binnen zijn en dat wij ze nog even gesproken hebben voordat wij diezelfde ochtend (6 juni) doorvaren naar Horta op het eiland Faial.
We waren eigenlijk nog niet klaar op Flores. Het eiland is zo gemoedelijk, vriendelijk, groen maar ook ruig door vulkanisch gesteente, daar hadden we best langer van willen genieten. Maar vandaag (zaterdag 6 juni) kunnen we nog met goede wind naar het eiland Faial, naar de havenplaats Horta varen.
Afgelopen nacht passeerde een depressie, die we al een tijd zagen aankomen. Wij waren blij dat we Flores, het meest westelijke eiland van de Azoren, voor deze depressie konden aanlopen. Ook de Ojala kwam twee dagen later nog voor de bui binnen. En afgelopen nacht hebben we de Batjar in de haven ontvangen en deze ochtend ook nog Elsa en Jaap van de Sark. Zij hebben fikse wind gehad (30 tot 40 knopen wind) en waren heel erg blij dat ze waren aangekomen. Het haventje was gelukkig nog niet vol, dus alles paste nog en we lagen volledig in de luwte van het eiland. Dus in de haven is alles verder heel rustig verlopen.
Maar de verwachting is dat, nu die depressie is gepasseerd, de wind weer inzakt en daarna draait en uit het oosten gaat waaien. De havenmeester zegt dat de haven van Flores zeer oncomfortabel wordt door de deining bij oostenwind. Bovendien betekent oostenwind, tegenwind naar het volgende eiland van de Azoren. Kortom een snel besluit genomen en plannen om Flores verder te verkennen stop gezet. We zijn dus op doorreis naar Horta.
Op dit moment hebben we nog wel veel deining van de depressie (gemiddelde golfhoogte tegen 3 meter). Maar elk uur dat we verder komen zien we dat zienderogen afnemen en morgenochtend zal dit al zijn gezakt onder de 2 meter deining en dus weer heel relaxed zijn. Voordeel is dat we vandaag in ieder geval nog wind hebben en we zeilen heerlijk. De afstand naar Horta is 130 mijlen, dus daar doen we ietsje langer over dan een etmaal. Verwachting is dat we zondag in de middag weer in de haven liggen. Dan zetten we onze ontdekkingsreis op de Azoren weer voort.
Obze positie is op 06/06/2015 22:36 UTC: 39-01N 30-08W
We hebben vandaag (dinsdag) moeten motorzeilen. Komt ook wel een beetje omdat we de vaart er nu in willen houden. Hadden we geen haast gehad dan hadden we zeilen met 3 knopen ook best gevonden. Maar ja, we ruiken stal en plannen nu om woensdag met licht aan te komen. Ik loop als het goed is nu mijn laatste nachtwacht met volle maan, want het is nog 70 mijlen. Er staat nu 4 Bft wind en we scheuren door het water recht op ons doel af. Lekker! We verwachten aan het einde van de middag aan te komen op het eiland Flores, na 15 dagen (waarvan 92 uur motor-zeilen). Er is een hele kleine haven en we moeten dus even kijken of we in de haven kunnen liggen of op een goede plek kunnen ankeren. Als het te vol is moeten we door naar Horta, maar dat is weer 130 mijl verder. Dat doen we dus liever niet, mede omdat Flores een heel mooi eiland schijnt te zijn, wat we niet over willen slaan. Maar een goede plek willen we wel hebben, want vrijdag verwachten we een depressie over de Azoren waar wel een bak wind onder hangt.
We zien er wel naar uit om weer aan land te gaan. Ook al is het een prachtige tocht (met walvissen, heel veel dolfijnen en schildpadden) en een echte uitdaging in routeren en navigeren, tussen lage en hoge luchtdrukgebieden om niet met te veel wind, maar ook niet zonder wind te zitten. En wat was het ook weer super om in de oversteek de hulp van Jaap te krijgen uit Nederland met weer en wind tips. Onze laatste fles bubbels hebben we al in de koelkast gezet (en Jaap we gaan op je proosten!). En wat zullen we blij zijn als straks de hele Nederlandse vloot ook veilig en behouden aankomt.
Wouter moet echt weer even ruimte hebben om te rennen. Myrthe doet het aan boord uitstekend en is nu duidelijk onze doorzetter en volhouder. Wouter kan echt niet zonder haar en wordt lekker bezig gehouden met spelletjes en knutselen. Ze is ook onder de indruk van alles wat ze op deze overtocht heeft gezien. Dat merken we aan de diepzinnige vragen die ze stelt, zoals: “Kan ik de wereld in natuur veranderen/verbeteren?” En kennelijk heeft ze ook het reisvirus te pakken, gezien de vraag: “Mam, denk je dat ik een keertje mee mag met nagyi als ze een cruise gaat maken?”
We hebben nu 15 dagen heel erg in ons eigen wereldje geleefd op onze boot. We zijn benieuwd wat er allemaal is gebeurd in Europa en kijken er naar uit om weer “online” te zijn.
Onze positie is op 03-06-2015 07:00 UTC 39-27N 32-07W (nog zo’n 45 mijl te gaan)
Het puzzelen en zoeken naar wind heeft ons ook wind opgeleverd. We varen nu een behoorlijk Noordelijke route. Nog 4 Graden noordelijker en je kan geloof ik al ijsschotsen tegen komen!! We maken nu flink mijlen naar het oosten en gaan over een dag of zoiets op Flores koersen (ietsje terug naar het zuiden). Het is nu minder dan 300 mijlen naar onze eind bestemming, dus het begint overzichtelijker te worden. Ook merken we langzamerhand dat we weer dichterbij huis komen. De eerste Navtex berichten van de Netherlandse Coastguard hebben we al ontvangen en we kunnen weer verbinding maken met het kortegolf radio station in Belgie.
Afgelopen nachtwacht heeft Roelof het druk gehad. We hebben op zich goede wind, maar noordelijk van ons woeden er stormen en daar krijgen wij af en toe de swell/deining van. Als de zeestroom tegen de deining in staat, dan worden het piekerige golven. Ze staan dwars op de boot, dus wij schommelen van links naar rechts en horen alle kast inhoud van de ene naar de andere kant schuiven. Met 10 knopen wind zouden we goed moeten kunnen zeilen, maar door die deining gaan de zeilen zo ontzettend klapperen dat je er naar van wordt. Kortom Roelof was druk met grootzeil naar beneden halen, weer opzetten, op twee oren varen, boom erin en er weer uit, enzovoort. Ik lag prinsheerlijk te slapen. En net toen ik de wacht over mocht nemen was er een stabiele wind van 15 knopen (4 Bft) en nu zeil ik met 6 mijl per uur lekker naar het oosten. Eitje.
De stroomvoorziening aan boord lukt ons best aardig. Maar alle voorzieningen, die we hebben, moeten we inzetten. Omdat wij alleen een electronische stuurautomaat en een koelkast hebben, die niet afslaan, hebben we best wat stroom nodig. Omdat we van west naar oost varen komt de zon voor onze voorpunt op en gaat aan het einde van de dag pal achter ons onder. Onze zonnecellen kunnen we echter niet van voor naar achter kantelen en dus niet optimaal op de zon richten. Ook staan ze deels in de schaduw van de zeilen. En tevens de wolken onderweg maken dat de zonnecellen tijdens deze oversteek maar bepekt bijdragen. Wind is er natuurlijk ook heel weinig geweest. Dan hebben we weinig aan de windmolen en kunnen we de sleepgenerator ook niet achter ons aanslepen. Los van de 3 dagen motoren hebben we daarom ook al 2 keer onze benzinegenerator aangehad om de accu’s weer even vol te tanken. En de kinderen klagen niet, want zolang alle mini-I-pads maar opgeladen worden en de stereo of de film aan mag vinden zij het prima.
Gisteren lag ik overdag even in de voorpunt te slapen. Ik was nog niet weg, want ik hoorde ineens allemaal piepjes/fluitjes. Ik stond direct naast het bed en riep: “dolfijnen!”. Niemand had ze nog in de gaten gehad, terwijl een grote groep bij onze voorpunt aan het spelen was. We voeren best hard, maar wat kunnen die dieren zwemmen zeg. En toen hebben we de tip van Eric ook maar eens geprobeerd. De go-pro zat aan de pikhaak vastgebonden en die heeft Roelof onder water gehouden. Omdat we zo hard gingen, was dat nog best lastig om goed stil te houden. Maar nu hebben we dus onderwater foto’s van de dolfijnen. De dolfijnen waren wel een beetje verlegen, want zodra de camera onder water ging schoten ze weg. Maar we beloven jullie, dat zodra we op de Azoren zijn we de beelden die we hebben op de blog zetten.
Gisteren hebben we ook onze sateliettelefoon -bedoeld voor noodgevallen- weer eens even getest. Wat is dat gaaf zeg om midden op de oceaan gewoon je familie te spreken, vooral omdat mijn oma net 92 jaar is geworden! De noodvoorziening doet het nog prima.
Vandaag hebben we tot 16.00 uur vanmiddag de motor aangehad in combinatie met de zeilen. Omdat er weinig swell staat, schommelen we niet zo en staan de zeilen bij weinig wind niet maximaal te klapperen en geven echt nog een knoop extra bij de 3 knoopjes die we op de motor vooruit komen. Helemaal niet onaardig dus!
En in die windstilte was de zee prachtig. Als de zee helemaal glad is kan je echt diep in het water kijken, want het is heel helder. Op de voorpunt zie je dan onder de boot allemaal prachtige witte spookachtige kwallen voorbij drijven. In de ochtend zagen we ook nog een meter grote schildpad. Wat een kolos zeg. En het zal niet waar zijn. Wouter staat op de voorpunt naar dolfijnen uit te kijken en komt er toch vlak voor zijn neus op 4 meter afstand een vinvis boven water. Hij stond te gillen: “Walvis, Walvis, Walvis”. Het was best even spannend zo dichtbij, maar wat is dat een indrukwekkend dier zeg. Hij kwam n keer met zijn kop boven en je zag echt de balijnen in zijn bek zitten. Hij is net zo lang als ons schip en zwom een hele tijd met ons mee. Dat zagen we aan zijn spuit die regelmatig naast de boot omhoog kwam en zijn rug die dan weer even boven water uitkwam.
Myrthe heeft vandaag lekker gedouched achter op de boot. Haren gewassen en alle klitten eruit gekamd. Nu zitten er weer vlechtjes in en heb ik weer een echte dame aan boord, in plaats van een grote ragebol!
En nu zeilen we weer (tot op heden 69 motoruren gehad). We konden eerst de genaker zetten (ons mooie gekleurde zeil in rood, wit en blauw). Maar voor de nacht hebben we die toch weggehaald, want daar liepen we toch alweer 7 knopen mee vooruit. Best hard na zo’n relaxte tijd. We hebben beide zeilen voor de nacht over stuurboord en varen nog steeds wat naar het Noorden. Morgen gaan we kijken of de windrichting gunstig is om de mijlen naar het Oosten af te gaan leggen, naar Flores.
Onze positie is op 30 mei 2015 01:20 UTC 39-40N 42-18W
Wat een leven zit er in het water. Het is erg leuk om daar zoveel van te zien. En dat lukt heel goed nu de zee zo vlak is. Zelfs op grotere afstanden zie je de spuiten van de walvissen de lucht in gaan. En ook hebben we al enkele keren een schildpad gezien. Ze drijven wat op het water en eten waarschijnlijk van al die kwallen hier. Soms is hun rug helemaal begroeid met pokken of zeeplanten, ziet er erg grappig uit. Er zitten heel veel kwallen in het water. Rode kleintjes met lange draden en portugese oorlogschepen en we zien ook andere modellen in het water die we niet kennen. En regelmatig worden we bezocht door dolfijnen. Diverse soorten zijn er. Dan weer kleintjes of dolfijnen met witte buik en spikkeltjes of hele grote donkerblauwe. Af en toe maken ze dolle sprongen naast de boot tot hilariteit van ons allemaal. De kids zijn er al zeer kundig in om ze te ontdekken en fluiten dan om ze te roepen. Soms blijven ze maar kort bij de boot. Tja, we gaan niet zo snel, dus het spelen met ons schip zal nu wel tegenvallen!!
De wind is nu echt weg. De vraag is voor hoe lang. We varen nu toch maar naar de 40 graden noord in de hoop daar nog een zuchtje op te vangen en dan de mijlen naar Flores te kunnen maken (nog 600 mijlen naar het oosten te gaan). We hebben vandaag ook de voorraad diessel uit de losse tanks aan boord overgeheveld in de boottank. Nu weten we in ieder geval beter wat ons verbruik is. Inmiddels hebben we er al 49 motoruren op zitten. We kunnen nog zeker 100 uren motoren (ca. 400 mijlen of 4 dagen met 4 knts varen), maar we proberen zo zuinig mogelijk te doen en zetten het toerental heel laag. Als er een beetje wind uit de goede hoek komt zetten we ook wel de zeilen er helemaal bij dan kunnen we net iets meer snelheid maken. Maar nu lukt dat niet meer. Het is geduld bewaren!
Voor de kids is het een lange reis, wetende dat het einde nog niet in zicht is. Ze hebben behoefte aan beweging. Tja we zijn 12 meter lang, dus niet gering, maar als Wouter gaat klauteren in de verstaging en rennen van voor naar achterdek is hij nog steeds niet moe. Dus dan stuitert hij binnen door de boot. Gelukkig weet Myrthe hem ook wel tot bedaren te krijgen en samen luisteren ze veel naar luisterboekjes, ze kijken films en zitten samen in hun minecraft wereld en bouwen daar ons huis uit Leiden na. Het is leuk om ze bezig te horen en te bemerken hoeveel details ze nog uit ons huis in Leiden weten. Ze bouwen de tegeltjes van de vloeren na, de tuin met bankje en weten exact waar de meterkast moet staan en de lampen hangen, enzovoort.
Roelof en ik gaan vanavond voor het eerst sinds ons vertrek eens samen een filmpje kijken. We maken er gewoon een gezellige tijd van!
Onze positie is op 29 mei 2015 01:30 UTC 38-49N 44-08W