About Roelof Crevecoeur

Roelof Crevecoeur, geboren in Eindhoven op 22 december 1965

Heel veel dolfijnen!

We zijn inmiddels ongeveer halverwege de Canarische eilanden en de Kaapverdische eilanden. Blijft een hele plas water… Gisteren hebben we een paar keer een grote groep dolfijnen bij de boot gehad, dat is toch elke keer weer prachtig als ze door de lucht vliegen en bij de voorpunt zwemmen. Verder is onze sleepgenerator nu een dag in gebruik en hij lijkt het prima te doen. ‘s Nachts verbruiken we nu netto maar 5 amp. ipv 10 en overdag laden we ook meer stroom bij. Zoals het er nu uitziet is er weer een goede balans tussen de stroom die we maken en die we verbruiken.

Het weer is nog steeds prima, we hebben nu zo’n 15 knopen wind uit het NO, gisteren was er wat meer wind rond de 20 knopen en we lopen gemiddeld met 6 knopen naar het zuiden. Morgen moeten we besluiten of we eerst naar Sal varen (in het oosten van Kaapverdië) of direct naar Mindelo (in het westen). We verwachten dan ergens rond woensdag aan te komen.

Er zijn hier, nu we iets dichter bij de kust varen, weer wat meer schepen in de buurt (en dat moet je dan “ruim” opvatten met het dichtstbijzijnde schip op 50 mijl afstand…, maar het voelt toch alsof je niet helemaal allen bent op deze grote plas. Verder zijn de sterren adembenemend mooi. Het is heerlijk om buiten te zitten met muziek van Chris Rea en dan lekker van de sterren te genieten.

Kortom we raken lekker in geslingerd!

Sleepgenerator in gebruik

We zijn inmiddels weer ingeslingerd. En belangrijker, het is gaan waaien! Gistermiddag konden we net wel/net niet zeilen, 8 knopen wind pal van achteren. ‘s Middags de Genua uitgeboomd en toen liepen we toch zo’n 4 knopen, niet genoeg als je 800 mijl moet overbruggen, maar de motor kon uit. ‘s Avonds kwam er meer wind en hebben we een rif gezet.
Het was wel grappig, want we hadden het deklicht aangedaan bij het zetten van een rif. En kennelijk heeft het licht de nieuwsgierigheid van een dolfijn gewekt. Die kwam met een hoge sprong twee meter langszij uit het water gesprongen en viel er weer plat op zijn buik in. We schokken ons rot! Hij waarschijnlijk ook, want daarna zagen we hem niet meer.

Inmiddels moeten we nog zo’n 560 mijl en hebben we er zo’n 250 mijl op zitten. Nog een paar uurtjes en dan zijn we op een derde… Vannacht was een goede nacht. We hebben lekker door gevaren met een snelheid van 6-7 knopen. Zoals het er nu naar uitziet komen we ergens woensdag in Mindelo aan. Het zal er dan wel druk zijn, want er liggen dan ook een heleboel boten (ca. 60) van de ARC, een georganiseerde tocht van honderden zeilschepen die de oceaan oversteken. Gelukkig gaat maar een beperkt aantal daarvan langs de Kaapverdische eilanden.

Vandaag is het weekend en dus hebben Wouter en Myrthe vrij van school en hoeven even niets. Myrthe ligt een boekje te lezen en Wouter is aan het nadenken wat hij nu toch op zijn brood moet nemen……het wordt stroop.

Verder hebben we te weinig stroom, gisteren stond de accu nog op 100%, door het motoren, en vanochtend was er nog maar 65% van over. Vanochtend hebben we dus maar de sleepgenerator in gebruik genomen (het pakketjes waarop we in La Gomera zo lang gewacht hebben). Het is een lang touw met daaraan een propeller die gaat draaien in het water door de snelheid van de boot. In het begin zat er een “draaiknoop” in de lijn, waardoor we een hoop herrie, gespetter en geplons achter ons aan hadden (net een mislukte skie). Na even bijgelegen te hebben draait ie nu mooi en laden de accu’s op. De zon schijnt inmiddels ook dus de zonnepanelen doen ook mee. Nu is alleen nog de vraag hoe haal je die draaiende propeller weer uit het water…

Los van walvissen op een mijl afstand, een groep grotere dolfijnen met spikkels en enkele kleine dolfijnen gisteren, zien we verder niet zo heel veel. Er is op onze route nauwelijks vrachtverkeer. Enkele boten zien we passeren op de AIS, maar dat is op zo’n grote afstand, dat we ze niet echt zelf zien. Dat geeft echt een gevoel alleen op de wereld te zijn. We missen ook contact met anderen op de SSB-radio, want we kunnen de andere Nederlanders niet ontvangen. Reacties op onze blog kunnen we pas lezen als we op de Kaapverden zijn en weer internet hebben. Dus we moeten het nu echt van elkaar hebben!

Onze positie op 15/11 om 09:30 is: 24-20.8’N, 19-03.1’W

Alleen op een hele grote plas water

Nou het is toch gelukt! We zijn vertrokken uit La Gomera. Voelt wel heel dubbel als je langzaam achter je de eilanden ziet verdwijnen terwijl je weet dat er voor je nog 6 dagen water, water en nog meer water is. Enerzijds wil ik graag verder en hebben we La Gomera wel gezien, maar anderzijds voelt het ook wel weer spannend om zo’n lage overtocht te maken. Voor ons zien we dan ook echt helemaal niets, ook op de AIS is er voor ons geen enkel schip te bekennen. Achter ons verdwijnen de lampjes van El Hiero langzaam uit zicht. Vroeger werd El Hiero (het meest westelijke eiland van de Canarische eilanden) gezien al shet einde van de wereld. Alhoewel we nu wel beter weten en het navigeren nu met moderne kaartplotters, gps-sen enz. veel makkelijker is geworden, voelt het hier toch nog steeds een beetje als het einde van de wereld.

De afgelopen tijd hadden we op La Gomera voldoende tijd om over de volgende bestemming van onze reis na te denken. Gaan we wel of niet naar Senegal en Gambia? Met de ebola epidemie in West-Afrika nemen de risico’s toch wel toe, ook al is er (volgens de WHO) op dit moment in Senegal en Gambia helemaal geen ebola. Zo heeft Kaapverdië zijn grenzen al een paar weken gesloten voor reizigers uit Senegal. Volgens het consulaat worden nu wel weer reizigers toegelaten die in Senegal zijn geweest maar dat kan zomaar weer veranderen. Tsja, en dan hebben we wel een probleem als we daar met onze zeilboot voor de kust dobberen en niet aan land mogen… En daarnaast lezen we in de krant dat studenten niet meer naar Afrika mogen en dat mariniers die hulp goederen brengen naar West-Afrika een aanraak verbod hebben voor mensen uit Senegal. Waarschijnlijk komt veel voort uit angst en is het allemaal niet op feiten gebaseerd, maar om daar dan met je gezin vrolijk vakantie te gaan vieren leek ons toch geen goed plan. Dus na lang wikken en wegen hebben we de knoop maar doorgehakt en hebben we besloten Senegal en Gambia over te slaan en direct naar Kaapverdië te vertrekken. We zijn vanmiddag (donderdag) vertrokken en als alles goed gaat zijn we dinsdag of woensdag in Mindelo op São Vicente. De bemanning van de Volont heeft ons uitgezwaaid, dat gaf een feestelijk gevoel bij ons vertrek. Nu we weer helemaal op ons zelf zijn aangewezen realiseer ik me ook hoe fijn het is om samen met vrienden te zijn. Zelfs toen we naar Marokko voeren en de Puff en de Ojala tientallen mijlen van ins verwijderd waren was het toch prettig om ze zo nu en dan op de marifoon te spreken. Nu varen we echt alleen en alhoewel het natuurlijk ook heerlijk rustig is, is het ook wel erg alleen…

Positie: 27-25′.6 N; 17-37′.2 W

Vastgeroest op La Gomera

Tsja… we liggen nog steeds in de haven van La Gomera, volgens mij hebben we nog nergens zo lang gelegen. Maar het lijkt er nu toch op dat we morgen gaan vertrekken richting Kaapverdië. Sinds de laatste blog kwam ons pakketje (een sleepgenerator), ondanks de belofte van UPS, toch niet aan. Ook donderdag ochtend (8/11) was er geen pakketje te bekennen. We zouden vandaag terug naar Tenerife varen (de haven had ik al betaald…) om daar de Volonté te ontmoeten, maar dan zouden we vertrekken zonder ons pakketje. Gelukkig wil de Volonté zaterdag ook naar La Gomera komen en dus kunnen wij gewoon lekker blijven liggen. Toen we dat besloten hadden, zijn we eerst maar eens een mooie wandeling gaan maken, dwars door het National Parc de Garajonay. We gaan met de bus naar een zo hoog mogelijk gelegen bushalte (Pajarito), en lopen vandaar door het bos. Eerst een stuk geklommen, maar daarna is het een lange afdaling naar El Convento waar een andere bus komt.

Wouter en Myrthe zagen Franse kinderen met een wandelstok lopen, en willen er natuurlijk ook een hebben. Nadat ik ze heb uitgelegd dat al die kunststof helemaal niet goed voor het milieu is, en dat vroeger (toen alles beter was…) de mensen met gewone houten stokken liepen, voelden ze daar ook wel voor. Eerst sleepten ze een halve boom achter zich aan, maar na een tijdje vonden we een paar prima stokken waarmee ze als echte berggeiten de berg op en af stormden. Wij waren wel verbaasd hoe leuk Wouter en Myrthe het wandelen vinden. Meestal spelen ze een spel waar ze geheel in opgaan en volgens mij lopen ze elke wandeling minimaal twee keer want ze blijven met onuitputtelijke energie heen en weer rennen.
De wandeling gaat door een prachtig gebied, het eerste stuk is een dicht bos begroeid met mos waarmee het vocht uit de lucht wordt gehaald. Zo nu en dan hadden we een prachtig uitzicht over de bergen. Even later lopen we langs een beekje waaruit uiteindelijk een 200 meter hoge waterval ontstaat. We genieten van de wandeling, maar we moeten wel een beetje doorlopen. Volgens de mevrouw van de toeristen-informatie hadden we al de bus van half elf moeten hebben om op tijd voor de laatste bus bij het eindpunt te zijn, maar toen waren we nog druk bezig om de kinderen te motiveren om school te doen. Dat blijft lastig en mijn respect voor de juffen en meesters op school groeit met de dag. Wij hebben de bus van twaalf uur genomen en willen toch wel graag de bus terug halen. Als we na drie uur lopen het bos uit komen hebben we een prachtig uitzicht op het dal van Hermigua waar ook weer tal van “terrassen” gemaakt zijn om groente en fruit te verbouwen tegen de steile hellingen.
Wouter en Myrthe hebben genoeg van de stokken, en nu blijkt nog een voordeel van gevonden stokken, je kan ze gewoon weggooien. Als we langs een stuwmeertje lopen, komt een nieuwsgierige eend bij Wouter en Myrthe kijken. Met name Wouter vindt dit maar eng en roept streng tegen de eend: “Eend, ga weg!”, maar eend vindt zo’n schreeuwend jongetje wel interessant, en waggelt vrolijk verder naar Wouter toe. Uiteindelijk krijgt Wouter het te benauwd en rent hij verder het pad af, weg van eend.

Even later zie ik Wouter ver onder mij en aan de andere kant van het dal. Myrthe is nog verder naar voren gerend en helemaal uit beeld verdwenen. Als wij even later ook beneden zijn zit Myrthe te huilen in de modder, ze is uitgegleden en nu is haar knuffel vies. Tsja, dat ze zelf ook onder de modder zit en dat haar trui naast haar ook in de modder ligt is voor haar slechts een onbeduidende bijzaak. En over het verschil tussen hoofd- en bijzaak kan je dan met Myrthe heel goed ruzie maken. Gelukkig komt Aranka er ook snel aan, zij heeft meer inlevingsvermogen in Myrthe’s wereld en zo zijn we ook snel weer vrienden. Beneden hebben we nog even tijd om wat te drinken voordat we weer terug rijden met de bus. Wel indrukwekkend hoe de chauffeur de bus door het donker over de steile en bochtige wegen rijdt. We zijn behoorlijk moe en terug in La Gomera eten we friet met hamburger bij de plaatselijke snackbar. De bemanning van een aantal Franse boten eet hier ook en we raken aan de praat. Het blijkt dat zij ook op een pakketje wachten uit Frankrijk om de keerkoppeling van hun schip te repareren. Pakketjes en Canarische eilanden lijken niet de meest ideale combinatie…


Vrijdag is er uiteraard weer géén pakketje, Manjana, Manjana… Maar als het vandaag niet komt, komt het op zijn vroegst maandag. En dat begint al weer kritisch te worden want in de loop van volgende week willen we wel vertrekken. De erg bereidwillige dame van de haven belt voor de zoveelste keer met UPS. Nadat ze eerder heeft gehoord dat het pakketje vandaag komt, vervolgens dat er een probleem met de lokale afleverpartij is en bovendien dat de “supervisor het pakketje zelf zou bezorgen” is het verhaal nu dat de verzender een “Trace” moet starten, anders gebeurt er niets. Uiteraard kan ik de verzender (Rob Wink) niet te pakken krijgen en dus loopt het een beetje vast. Toch maar eens zelf met die UPS-sers in Spanje gebeld. Snap niets van de VRS, maar gok dat als ik vaak de nul in toets er misschien wel iemand aan de lijn komt. En zo geschiedde, en na wat doorvragen krijg ik zelfs iemand die Engels spreekt aan de lijn. Probleem uitgelegd, maar ook zij geeft aan dat er eigenlijk eerst toch door de verzender een “tracer” moet worden opgestart. Maar ze wil toch wel proberen haar best voor me te doen. Nog niet helemaal gerust ook maar eens UPS op linked-in gezocht. Al snel vind ik dhr. Bram vd B, Vice President Distibution EMEA. Het lijkt me dat hij me moet kunnen helpen. Nadat ik met hem gelinked ben mail ik hem mijn probleem dat ons pakketje nu al twee weken op La Gomera is maar nog steeds niet bezorgd is. Ik krijg een uiterst sympathieke reactie, en sinds dat moment komt er schot in de zaak. Ik word meerdere keren per dag gemaild en gebeld door UPS en begin er zowaar weer vertrouwen in te krijgen.

Zaterdag komt de Volonté naar La Gomera en Wouter en Myrthe kijken er de hele dag naar uit. Wij doen klusjes aan de boot zoals plafonddelen die los waren gekomen, weer vastzetten, checken of onze stuurkolom niet verroest is (was nog een klusje wat was blijven liggen), stuurautomaat kalibreren waar ik nieuwe software in gezet heb, enz. Tegen de tijd dat de Volonté bij de haven komt, loop ik met Wouter en Myrthe naar het havenhoofd om wat foto’s en een filmpje te maken van de Volonté onder zeil. Het waait flink in de acceleratiezone, dus mooi om ze daar te fotograferen. Frans en Illona van de Omweg op Zee zijn met de Volonté meegevaren. ‘s Avonds eten we met zijn allen in La Gomera en borrelen we nog bij ons op de boot. Frans en Illona vertellen het verhaal over de onfortuinlijke start van hun reis (zie de link voor meer details). Ze zijn nu bezig hun jacht te repareren om er volgend jaar alsnog mee te vertrekken en wachten ook op een pakketje… Het is erg gezellig en leuk om de bemanning van de Volonté weer te zien. Wouter en Myrthe zien we niet meer, die zijn samen met Jesper en Thomas ergens op een boot, waarschijnlijk film aan het kijken… Maar in de avond zijn ze er weer, want dan logeren ze op de White Witch. Helaas krijgt Jesper hoofdpijn, dus hebben we nog 1 logé over.

Zondag hebben we een hele relaxte dag, met klusjes, en zelfs school. We hebben de kinderen gevraagd om alvast vooruit te werken voor maandag. Dan kunnen we de volgende dag iets ondernemen. En we zien zowaar in de haven nog een Trompetvis zwemmen. Ook gaan we even zwemmen op playa de Cueva. Er staat één grote golf in de branding. Aranka vindt het maar gevaarlijk maar de kinderen vermaken zich kostelijk, alhoewel ze zo nu en dan onderste boven worden gegooid door de golf. Aan de overkant zien we Tenerife prachtig liggen, met de top van El Teide die boven de wolken uitsteekt.

Maandag komt zowaar het eerste pakketje aan, en er wordt mij plechtig beloofd dat het tweede pakketje nu ook snel zal volgen. Bovendien krijg ik contact met Rob Wink, die meteen de zo nodige “trace” aanvraagt. Vandaag gaan we samen met de bemanning van de Volonté op pad. We nemen de bus naar Lomo de Balo in het dal van Valle de Gran Rey en lopen vandaar naar het plaatsje Valle de Gran Rey. Volgens onze voormalige buurvrouw Bep is dit het mooiste dal van La Gomera, en nu we er toch langer zijn, laten we dat niet liggen. Het is inderdaad prachtig, de terrassen waarop groente en fruit wordt verbouwd zijn hier prachtig. Aranka kijkt haar ogen uit naar alle verschillende groentes, die hier op terrasjes worden verbouwd. Wouter en Myrthe spelen met Jesper en Thomas en hebben de grootste pret. Ze hebben elkaar niet meer gezien sinds wij in Marokko aankwamen, en hebben elkaar weer een heleboel te vertellen, al gaat dat niet over de reis maar meer over spelletjes op de I-Pad… Die nacht slapen onze kinderen op de Volonté en hebben wij het rijk voor ons alleen.

Dinsdag komt inderdaad het tweede deel van het pakketje. Dank aan de heren Bram van de Burgt en Marcel Sijerlin van UPS die ons zo goed geholpen hebben het zoekgeraakte pakketje weer boven water te krijgen. De rest van de dinsdag ben ik bezig om de sleepgenerator te monteren en aan te sluiten. Het halve schip moet natuurlijk weer overhoop, maar om zes uur is het klaar en zou hij het moeten doen. In de tussentijd doet Ranka wasjes en boodschappen voor 8 dagen en sleept alles aan boord. ‘s Avonds gaan we bij de Volonté op bezoek, het is erg gezellig, en over twaalven als we terug gaan. De kinderen gaan zo natuurlijk veel te laat naar bed, maar ze genieten erg van het spelen met Thomas en Jesper.

We willen eigenlijk morgen (woensdag) vertrekken naar El Hiero (de haven had ik alweer betaald…), maar als ik het weer bekijk zie ik dat het de volgende week hard gaat waaien. Om dan te vertrekken naar Kaapverdië is niet aantrekkelijk en samen met Aranka besluiten we om dan maar direct naar São Vicente op Kaapverdië te varen, en dan maar donderdag te vertrekken omdat er dan wat meer wind is. Ja, het klopt, het is of te weinig of te veel…, maar als we donderdag vertrekken belooft het een heerlijke zeiltocht te worden met gemiddeld 12-17 knopen wind. Dan moeten we donderdag nog wel wat motoren maar hebben we verder goede wind en zouden we volgende weer dinsdag of woensdag in São Vicente zijn. De rest van de dag gebruiken we om laatste boodschappen te doen en ons voor te bereiden op de langste tocht tot nu toe, altijd weer spannend! Zo lijkt het er nu toch echt op dat we gaan vertrekken van La Gomera. Voor de derde keer reken ik af bij de haven omdat we nu echt morgen gaan vertrekken, maar de mevrouw van de haven gelooft er niets van, en verwacht dat we gewoon weer blijven liggen. We zullen zien…

Elk nadeel heb zijn voordeel…

Elk-nadeel-heb-zijn-voordeel

Vandaag (31 okt) vertrekken we vroeg vanuit de ankerbaai Bahia de Abona (Tenerife) richting La Gomera. Er is weinig wind en we proberen zoveel mogelijk te zeilen, waardoor we vaak niet meer dan 2-3 knopen lopen. Zo komen we niet voor het donker aan, dus motor aanzetten, of doorvaren met de wind die er is… We kiezen voor het laatste en pakken elk knoopje wind dat we kunnen vinden.

Al met al een relaxt dagje varen, al komen we dan wel in het donker aan. Aranka meldt nog dat de “acceleratiezone” tussen Tenerife en La Gomera met name bij La Gomera wel eens 10 knopen wind extra kan geven. Nou ja, denken we, met 5 knopen kunnen er best 10 bij… Onderweg zien we verschillende keren walvissen, een keer van dichtbij. Het lijkt erop alsof er hier veel rondzwemmen…

Zo varen we verder, deels zeilend, deels motorend, totdat we wat witte kopjes voor ons op het water zien. Zou deze acceleratiezone dan toch echt veel wind geven? Tot nu toe zijn we er al diverse gepasseerd, maar hebben we er niets van gemerkt, waarschijnlijk omdat er te weinig wind stond.

Het begint nu toch een beetje te waaien, we hebben 10 knopen wind! Motor uit, genua uitgerold, hé het is al 15 knopen… Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dus we kijken het deze keer maar niet aan, en zetten meteen maar een tweede rif. Nog voor ik bij de mast sta zet de wind lekker door en hebben we dik 20 knopen en is de windrichting veranderd van pal voor de wind naar aan de wind. De boot schiet met zeven knopen over de golven. Als we dichter bij de haven komen waait het nog wat harder tot 25 knopen, en draaien we de genua nog wat verder weg, voor de snelheid maakt het niet uit.

Zo met de invallende duisternis is dit toch wel weer wat veel van het goede… Maar ja, ieder nadeel heb zijn voordeel want met deze snelheid zijn we net met de schemering bij de haven, en dat is dan wel weer prettig. In de haven laten we het zeil zakken en daar neemt in de luwte van de rotsen ook de wind verder af. Nog net met het laatste beetje daglicht meren we af. Die acceleratiezones bestaan dus echt!

Aranka tovert in no-time een heerlijke maaltijd op tafel, en als we ‘s avonds nog even het plaatsje willen verkennen staan er een dozijn kinderen bij de boot… Of we mee willen doen met ‘trick or treat!” Wouter en Myrthe sluiten zich zonder bedenken aan bij de “United kids of Halloween” en met het snoep dat ze ophalen lijken de taal barrières tussen Frans, Deens, Nederlands, Noors en Engels ook opgelost.

We gaan te snel…

Het is nu vijf uur in de ochtend, en we zitten nog zo’n 100 mijl ten noordoosten van Tenerife. Dat betekent dat we waarschijnlijk ergens midden in de nacht van vrijdag op zaterdag aankomen. De bedoeling was dat we zaterdag ochtend zouden aankomen, maar we gaan te snel. Nou ja, er is niet veel wind voorspeld, dus we zullen de haven ‘s nachts ook wel kunnen vinden.

We hebben echt geluk met het weer, we hebben een heerlijk bakstag windje van tussen de 10 en 15 knopen waardoor het rustig varen is. Er zijn ook niet al te veel golven dus het is ook nog comfortabel aan boord. De nachten zijn elke nacht weer pikzwart, geen maan te zien. En ondanks de prachtige sterrenhemel met veel vallende sterren is het elke ochtend toch weer een feestje als het licht wordt en de zon op komt. Ook merken we dat als het ‘s avonds donker wordt we nog allerlei dingen voor de nacht invalt op orde willen hebben. En vaak is er dan even een gestresste sfeer terwijl dat echt niet nodig is want we hebben echt alle tijd. Misschien speelt toch onbewust mee dat het donker wordt… Maar goed, als het een keer nacht is, valt het altijd weer mee.

Verder gaat het goed, we hebben nog een paar korte bezoekjes van wat dolfijnen gehad en er zijn een paar schildpadden voorbij gezwommen, dat vonden we wel erg gaaf om te zien. Wouter en Myrthe hebben nu op het voordek een “hut” gemaakt/bedacht, waar ze kunnen spelen, want verder is zo’n lange oversteek ook best saai voor ze. Gelukkig kunnen ze school doen , en zeker Myrthe kan daar een groot deel van de dag mee bezig zijn. On het mom van ‘Ik wordt misselijk als ik rechtop zit’, maakt ze haar sommetjes liefst liggend/hangend in de kuip. Nou ja, als de antwoorden maar goed zijn.

Nou verder is er niet veel te melden, maar we zien er wel weer naar uit om aan te komen, en natuurlijk om na vier dagen weer land te zien! Groeten vanaf de White Witch.

Positie: 29°49.6′ N 14°47.0′ W

Position Update White Witch

We vorderen gestaag. We hebben de afgelopen 24 uur steeds kunnen zeilen. Vanmiddag kwam er een grote groep dolfijnen op bezoek. Echt prachtig, ze sprongen uit het water en eentje maakte zelfs een halve salto. We hebben de muziek hard aangezet, geen idee of dat helpt maar ze bleven een hele tijd met ons mee zwemmen. We zaten allemaal op de voorpunt van de boot en hebben ervan genoten. Wouter en Myrthe straalden van top tot teen.

Op dit moment varen we 150 NM ten noordwesten van Agadir. We hebben een rustig windje (ca. 12 knopen) en een prachtige sterrenlucht die je goed kan zien omdat er helemaal geen maan is. Doordat het zo donker is zie je in de boeggolf en ook in het zog van de boot allemaal oplichtende algen, die lichtflitsjes afgeven, echt een betoverend gezicht.

Het is nog ongeveer 265 NM naar Tenerife, waar we verwachten zaterdagochtend aan te komen. Verder proberen we Wouter en Myrthe overdag wat les te geven, maar dat valt niet altijd mee. We hebben een speciaal zeilprogramma, zodat ze minder hoeven te doen als we varen. Een ander “hoogtepunt van de dag” is het gesprek met de andere boten via de kortegolf zender. Het is altijd leuk om te horen hoe het met de anderen gaat. Afgelopen nacht waren er ook wel wat problemen, Di, een turkse vrouw die solo zeilt, had problemen met de motor, en is terug gegaan naar Rabat, zeker drie boten zijn in visnetten vast komen te zitten, en bij de Antares heeft de stuurautomaat het begeven. Gelukkig werkt onze stuurautomaat weer als vanouds en hebben we verder ook geen grote problemen zodat we ook echt van het zeilen kunnen genieten.

We merken dat we steeds zuidelijker komen en later in het seizoen waardoor enerzijds de koelkast langer moet koelen in de hitte en dus meer stroom verbruikt en anderzijds de dagen korter zijn waardoor de zonnecellen minder stroom opleveren. Na 60 uur varen zijn de accu’s dan ook half leeg, dus we hebben nu ons aggregaatje maar even aangezet dat achter op de boot staat te brommen. Misschien toch nog maar even op de Canarische eilanden naar een sleepgenerator kijken, om bij dit soort langere oversteken voldoende strooom te kunnen maken zonder dat gebrom.

Onze positie is: 31°26.2’N 12°19.3’W

Op naar de Canarische Eilanden

Vandaag (maandag 20 okt.) staan we rustig op in de verwachting dat we morgen naar Madeira zullen vertrekken. Hoe anders kan het lopen… Gisteren heb ik op basis van de GribFiles en de eigenschappen van onze boot, doorgerekend wat een goede bestemming is met weinig motoren, want daar houden we niet van. Als we vandaag kunnen vertrekken zijn de Canarische Eilanden redelijk goed te bezeilen, kunnen we pas morgen, dan kunnen we beter naar Madeira varen. En aangezien de haven pas morgen open gaat wordt het Madeira, zo dachten we toen.

Om twaalf uur horen we van de Ojala dat de haven toch vandaag open gaat, en dat terwijl dit gisteren nog tot de absolute onmogelijkheden behoorde…, maar dan moeten we wel nu weg want het is nu hoog water en als we te lang wachten krijgen we de ebstroom tegen de golven uit de oceaan. We overleggen kort en besluiten te gaan, de Canarische eilanden hadden onze voorkeur, en dan schieten we lekker op. In “no time” tanken we water, betalen de haven, gaan we met ons schip langs de douane en nog geen uur later varen we onder begeleiding van een loodsboot van de haven, samen met de Puff en de Ojala de oceaan op. We zijn nog wel enigszins gestresst van al het gehaast, maar ik ben toch blij dat we weer vertrekken. Marokko was erg leuk, maar het is nu ook weer tijd om verder te gaan. Ook merk je dat het echt een ander land is, waar er met name voor vrouwen minder vrijheden zijn. Ik vind het daarom lastig me er echt thuis te voelen.

De golven bij de ingang zijn nog behoorlijk hoog als je er doorheen moet varen. Van de kant ziet het er rustig uit, maar het zijn toch een paar flinke bergen water waar je tegenop moet klimmen met je bootje. Eenmaal op de oceaan kunnen we lekker zeilen. We varen op ca. 20 mijl uit de kust en komen tegen het donker wat vissersboten tegen, die netten uitzetten. Ze zijn “verlicht”, maar daar is dan ook wel alles mee gezegd. Goed oppassen dus. We hebben geluk en komen niet vast te zitten. De eerste nacht moeten we nog wel een flink aantal uren motoren, maar ‘s ochtends komt er wind en kunnen we heerlijk zeilen. We schieten dinsdag goed op totdat… de stuurautomaat opeens de verkeerde kant opstuurt. We proberen van alles, maar hij geeft steeds grotere stuur uitslagen en we lijken wel een dronkeman op zee. Ook na resetten van het kompas en opnieuw kalibreren van het kompas (Aranka, vaar even een stabiele koers midden op zee met minder dan een graad afwijking…) blijft het hommeles. We moeten oppassen dat we geen klapgijp maken. Dan maar zelf sturen, maar om dit nog drie nachten te doen, waarbij je elkaar steeds moet wakker maken als je bij het roer weg moet, dat zie ik echt niet zitten. We kijken naar alternatieve havens, Agadir, nog minstens 24 uur varen, dan komen we ‘s nachts aan en daar kan je niets repareren, Lanzerote, nog 48 uur varen, ook niet echt lekker. Als laatste truuk besluit ik het apparaat helemaal te resetten naar de fabrieksinstellingen. En… gelukkig! dat werkt. Wij kunnen dus doorvaren richting Tenerife waar we verwachten zaterdag ochtend aan te komen. Nu zit ik heerlijk onder de sterrenlucht dit berichtje te typen terwijl Aranka en de kinderen slapen en… de stuurautomaat stuurt!

Postitie: 32º33’0 N en 10º25’5 W

Cruising Maroc per… auto

Het ziet er naar uit dat we nog zeker tot volgend weekend (18-19 okt) in Rabat liggen. Enerzijds doordat de wind nu uit het zuidwesten komt ipv het gewenste noorden, en anderzijds doordat de haven de komende dagen op slot gaat ivm te hoge golven en bijbehorende brekers bij de ingang.
Het is nog steeds herfst vakantie bij ons en we besluiten om nog een tocht door Marokko te maken naar het noorden, en in ieder geval naar Chefchaouen. We huren een auto wat hier wel erg gemakkelijk gaat. Je belt een verhuurbedrijf, 5 minuten later wordt je opgehaald in de haven en een kwartiertje later heb je een auto mee. Krassen en deukjes worden niet opgeschreven, die worden gezien als normale gebruikssporen in het Marokkaanse verkeer.

Dinsdag avond (14 okt) is er nog een borreltje bij de Win2Win die vandaag ook in Rabat zijn aangekomen. Zij hebben een zware tocht gehad, veel wind, hoog aan de wind en zeeziekte. Blijkt maar weer hoe het kan verschillen met het weer want wij hadden een heerlijke tocht naar Rabat toe. Het is gezellig om bij te kletsen en we krijgen nog een hoop tips van Leon en Frieda die eerder ook naar Chefchaouen zijn geweest.

Woensdag ochtend is het de bedoeling vroeg te vertrekken, maar voordat we alles ingepakt hebben is het toch weer elf uur, maar dan zijn we ook op pad. We tanken eerst, want anders dan in Nederland krijg je de huurauto hier leeg mee en lever je hem ook weer leeg in. Dan rijden we eerst naar Moulay Bousselham, waar een rivier in een prachtige delta loopt voordat hij de zee in stroomt. Op goed geluk gaan we met een gids mee die ons de delta per boot laat zien. Dat pakt erg goed uit, onze gids Ahmed weet heel veel van vogels en heeft zelfs een Nederlandse vogelgids waar hij ons de vogels die we zien in aanwijst. Zo weten we nu dat we de Witte en Blauwe reiger, de Scholekster, de Grutto, de Regenwulp, de Juveniel, de Steenloper en de strandplevier met 3 tenen en gewone strandlopertjes hebben gezien. Helaas zijn er nu geen flamingo’s die hier ook vaak te zien zijn, maar dat wordt meer dan goed gemaakt door het prachtige uitzicht over de delta.
We zien ook vissers die naar krabbetjes vissen met grote netten die ze over de bodem trekken. De krabbetjes worden weer gebruikt als lokaas bij het vissen op zee. Vandaag liggen overigens alle vissersbootjes op de rivier want de branding die ervoor zorgt dat de haven in Rabat gesloten is zorgt er ook voor dat de vissers hier niet kunnen uitvaren.

Na ons boottochtje rijden we verder naar Chefchaouen via binnenwegen door het Rifgebergte. We lezen in de gids dat hier cannabis in grote hoeveelheden wordt geteeld waar maar liefst 800.000 mensen werkzaam in zijn. Er wordt geprobeerd om mensen om te scholen naar gids, maar 800.000 gidsen… Maar het Rifgebergte is ook prachtig om te zien en we genieten van het uitzicht terwijl de hellingen steeds steiler worden. Ons autootje (Citroën C1) heeft het er maar zwaar mee. In Chefchaouen zoeken we naar het hotelletje Dar Dalia dat ons door Leon en Frieda is aangeraden. Iedereen die we het vragen weet ons met grote stelligheid te vertellen waar het is, maar ze wijzen allemaal een andere richting op. Helaas hebben we alleen een kaartje in de Lonely Planet waar nauwelijks straatnamen op staan en na een paar rondjes te hebben gereden vinden we gelukkig een goede kaart op straat. (De telefoon met Marokkaanse simkaart is ermee opgehouden, dus geen GoogleMaps). Nu we weten waar we zijn, hebben we het snel gevonden. Het is een leuk hotelletje, vlak bij de medina van Chefchaouen. Wouter en Myrthe vinden vooral de schildpadjes bij de fontein erg leuk. Als we terug zijn van onze reis willen ze als huisdier nu geen hond meer maar schildpadden, ratten en een poes…

Chefchaouen wordt ook wel de blauwe stad genoemd. De huizen in de medina zijn wit en aan de onderkant blauw geverfd. Ook de straten zijn deels blauw geverfd, wat een gezellige en frisse aanblik geeft van de oude medina. Als we het hotel gevonden hebben begint het al donker te worden, en we gaan snel op zoek naar restaurant Aladdin, waar je lekker kan eten met een prachtig uitzicht over de stad. Het stadje doet zijn reputatie eer aan, want de medina is inderdaad erg leuk.
Donderdag bekijken we nog de burcht van Chefchaouen en slenteren we door de medina voordat we de auto instappen die natuurlijk goed bewaakt is…, zo heeft Marokko zijn eigen betaald parkeren. We rijden richting Tanger en Aranka zoekt in de gids een volgende leuke bestemming. Tétouan blijkt een prachtige plaats, zie onderstaand stukje uit Wikipedia:

De medina (oude stad) van Tétouan staat op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. De binnenstad is zeer karakteristiek en traditioneel. Men vindt hier bijvoorbeeld veel oude witte huizen, enkel laagbouw (zie foto). Overal in de stad ziet men mensen die oude ambachten beoefenen, zoals wevers, juweliers en leerbewerkers. Toeristen probeert men hier ook vaak tapijten te verkopen. Verder lopen er veel dieren rond in de medina.

Nou, dat kunnen we niet laten lopen en we zoeken een leuk hotelletje in de Lonely Planet. Als we het hotel El Reducto proberen te vinden, komen we langs erg steile weggetjes, waar onze C1 het bijna begeeft, maar in de eerste versnelling met een slippende koppeling komen we toch de helling op. Even later lopen we helemaal vast als we midden op de plaatselijke markt terecht zijn gekomen. Dan is zo’n klein autootje wel weer een voordeel… Na twee rondjes hoor ik toevallig Nederlands praten, en snel vragen we de weg aan een familie Nederlandse Marokkanen of Marokkaanse Nederlanders… We zetten de auto neer en lopen verder naar het hotel wat in de medina ligt en waar je inderdaad helemaal niet met de auto komen kan (dat hadden we niet gezien op het Lonely Planet kaartje…)
Het is een prachtig hotel, met mooi mozaïek en een heerlijk dakterras. We weten nog wat van de prijs af te praten, gaat nu ook makkelijker nu het geen hoogseizoen is. De kinderen vinden het een geweldig hotel, want ze hebben 2 hele jonge katjes en in de hotelkamer een soort eigen zoldertje waar ze knus met zijn tweeën slapen.
De Medina is inderdaad heel authentiek en we zien er nauwelijks toeristen. We verdwalen zoals gewoonlijk maar vinden na een tijdje ook weer de weg terug. We zien hier ook meer Spaanse invloed zo ver in het Noorden. Ook zien we Berber vrouwen uit het Rif gebergte, meestal herkenbaar aan een strooien hoed.

De enorme hoeveelheden groente en fruit die zijn uitgestald zijn opvallend, zeker omdat je maar heel zo nu en dan iets verkocht ziet worden. En zo in de zon uitgestald zal het ook niet heel lang goed blijven…. Het ziet er in ieder geval allemaal heel vers uit.
Verder staat dit gebied bekend om zijn cannabis-teelt. Echter zien wij er behalve plastic zakjes met gedroogde blaadjes te koop, verder weinig van. Wel zagen we onderweg bananenteelt.

Vrijdag hebben we een heerlijk ontbijt in het hotel, als Wouter probeert zijn sinaasappelsap in een eigen beker over te schenken, wordt het (uiteraard) een grote bende. De vrolijke hotelbaas neemt Wouter mooi beet en doet alsof hij boos wordt en vraagt aan Wouter een euro om het weer schoon te maken. Eerst snapt Wouter het niet, maar dan kleurt hij diep rood, en rent dan naar boven om een euro uit zijn portemonnee te halen. Later krijgt hij de euro terug, hij is er bedremmeld van en heeft zijn lesje wel geleerd. Als we weg gaan zijn de Hotelbaas en Wouter dikke maatjes.


Vandaag rijden we terug via Assilah aan de kust. Hier vallen ons de brekers op die in de haveningang staan. Hier wil je niet tussen varen en ook hier valt het op dat alle vissersbootjes in de haven liggen. Assilah zelf is een leuk plaatsje, maar omdat het vrijdag is is alles dicht, dus dat is jammer. Er is mooie kunst op de muren en hier zijn de meeste huizen wit geverfd. Maar alle winkeltjes met traditionele nijverheid zijn er vandaag dus niet. We gaan nog op het piepende geluid af van poesjes. En ja hoor, even later zien we 2 kittens, nog met dichte oogjes piepend over de stoep rollen. Ze kunnen nog nauwelijks lopen en roepen om hun moeder. Het liefst willen de kinderen ze meenemen net zoals de Batjar heeft gedaan. Maar dat zien wij niet zitten en het kost enige overredingskracht om de kinderen weer mee te krijgen…


We rijden terug naar Rabat en doen nu we toch een auto hebben nog even goed boodschappen in één van de zeldzame supermarkten van Rabat. Compleet afgeladen brengt de C1 ons weer netjes in de haven. Ik tank ook nog even alle Jerrycans vol met diesel en dan leveren we de auto weer in, wat zo mogelijk nog soepeler gaat dan het huren. Ik bel het verhuurbedrijf en vijf minuten later is dezelfde vriendelijke meneer in de haven, vraagt of we een prettige reis gehad hebben en neemt de auto weer mee. ‘s Avonds eten we lekker in een restaurantje bij de haven en dan slapen we weer “thuis” op onze eigen boot.

De haven is de komende dagen nog gesloten en we kunnen dus niet weg. Zoals het er nu naar uit ziet kunnen we maandag de 20ste of dinsdag weg. We hebben dan ook een paar dagen goede wind richting de Canarische eilanden. Zaterdag drinken we met de bemanning van de Win2Win, de Ojala, de Puff en de Symina waarop een Turkse vrouw solo vanuit Istanboel is komen zeilen. Verder doen we klusjes aan de boot zoals het vastsjorren van extra dieseltanks op het dek en strak zetten van de verstaging. Verder beginnen we ons voor te bereiden op de tocht naar de Canarische eilande, die naar verwachting ca. 4 dagen duurt. Nu maar hopen dat de haven inderdaad weer open gaat, en er een beetje gunstige wind staat.

Maroc


De aankomst in Rabat is uitermate plezierig. We meren af aan de meldtsteiger samen met de Ojala die vlak achter ons binnenloopt. Er is een team met douane, veiligheid en wie weet nog wat meer aan medewerkers dat ons meeneemt om de papieren in te vullen. We worden parallel geholpen met de Ojala. Wat een luxe vergeleken met de lange wachtrijen op een vliegveld of bij aankomst met de veerboot in Tanger. Nadat we de formulieren hebben ingevuld volgt er nog een pro-forma controle aan boord met drie man waarbij het doel lijkt te zijn, geen moeilijke vragen stellen en vooral niets vinden! Dat lukt en daarna zoeken we een plekje in de haven vlak bij de Volonté en de Batjar die hier ook liggen.

Nadat we liggen merken we ook hoe moe we zijn. Wouter en Myrthe lijken echter een nieuwe onuitputbare bron van energie te hebben als ze Jesper en Thomas van de Volonté weer zien, en rennen van het ene naar het andere schip. ‘S Avonds is er door de Batjar een steigerborrel georganiseerd waar ook de Nederlandse ambassadeur nog langskomt. Hij was door Stephan van de Batjar uitgenodigd en hij vind het geloof ik wel leuk om -tussen de recepties door- met ons zeilers te kletsen. Als hij onze kinderen en de kinderen van de Volonté ziet vraagt hij wel direct “Moeten zij dan niet naar school?”…
Het was erg gezellig maar we zijn ook doodop na twee nachten doorvaren en gaan op tijd naar bed.

IMG_0429.JPG

Woensdag kijken hoe het met de school voor deze week staat..Niet zo best, want er is de laatste twee dagen niet zoveel gebeurd, dus er moet nog behoorlijk wat rekenen en taal worden ingehaald. We hadden het idee om vandaag de vakantie te laten beginnen, maar met zo’n achterstand vinden we dat niet zo’n goed idee, dan heb je ook geen lekkere vakantie. We besluiten dus om deze week nog even flink onze best te doen en dan de volgende week vakantie te houden. Ik doe met Myrthe drie rekenlessen, en ik geloof evenveel boze buien tussendoor (ik bespaar jullie de details, maar haar boze buien doen zeker niet onder voor die van mij toen ik klein was…Ik geloof dat dit voor Aranka en mij nog vermoeiender was dan voor Myrthe, maar… uiteindelijk hebben we het af en keert de rust weer terug op de White Witch.
Anna van de Ojala heeft in Rabat gewoond voordat ze op zeilreis ging, en geeft ons veel nuttige tips, o.a. het telefoonnummer van een gids Mohammed die veel kan vertellen over Rabat. Aranka maakt een afspraak met hem voor de volgende dag.
Verder doen we deze dag niet zoveel en ‘s avonds lopen we nog een stukje door de Medina (oude binnenstad) van Salé waar het een drukte van jewelste is, met allemaal kleine winkeltjes.


Donderdagochtend rijden we met onze gids Mohammed en de bemanning van de Puff eerst naar Chellah, een prachtig gebied met oude ruïnes, prachtige bomen en planten en, hoogtepunt voor Wouter en Myrthe, heeel veel poezen. Mohammed vertelt ons alles over het ontstaan van Chellah, de Romeinse tijd waarbij Chellah onderdeel uitmaakte van de grens van het Romeinse rijk en de latere Islamitische periode. Het is erg interessant en met de verhalen komen de ruïnes tot leven en kan je je goed voorstellen hoe het er hier duizenden jaren geleden uitgezien heeft.

Na Chellah bezoeken we de Hassan Toren die onderdeel uitmaakt van een nooit afgebouwde moskee. Twee keer is het geprobeerd deze Moskee te bouwen, maar opdrachtgevers gingen dood of andere rampspoeden vonden plaats. Volgens het plaatselijke gebruik is het dan onverstandig om het af te maken. Nu staat er een kleine moskee naast en is er ook een mausoleum van koning Mohammed V.

Als laatste bekijken we de Kasbah van Rabat die enerzijds dienst deed om de bevolking te beschermen als de stad werd aangevallen, maar ook gebruikt werd om huurlingen uit het oosten van Marokko te huisvesten, die meedogenloos optraden tegen de bevolking als er rebellie was.
We eindigen in de Medina, die gezellig en ontspannen is. Dat is wel heel anders dan toen ik hier ca. 25 jaar geleden met Ron rond liep. Toen werden we continue aangesproken om toch vooral een gids te nemen, of een kleed te kopen. Vrijdag maken we de school voor deze week helemaal af! Ik mats Wouter en Myrthe wel een beetje door de laatste oefeningen taal mondeling te doen waardoor de laatste blokken geen uur maar slechts enkele minuten kosten. En dan begint voor onze kinderen een echte hele week schoolvakantie en voor ons ook.
Daarna gaan we met het pontje (roeibootje, hoe romantisch…) naar de overkant van de rivier waar Rabat ligt, en zwerven die middag door de Medina en later ook door de nieuwe stad.

Zaterdag gaan we met de trein naar Fėz, een reis van drie uur. Gelukkig hebben we een goede zitplaats, en de trein is toch een heerlijk vervoermiddel, je kan lekker zitten en uit het raam kijken terwijl je naar je bestemming wordt gebracht. In Fėz lopen we van het station via het Joodse kwartier (Mellah) en “New Fès” (Fès el-Jdid) naar de Medina. Wouter moet echt even wennen aan Fès en houdt een geëmotioneerd betoog om toch vooral een taxi te nemen. Maar eenmaal in de Medina vindt hij het opeens interessant worden, en rent hij samen met Myrthe van het ene winkeltje naar het andere.
Alhoewel we proberen de route van de Lonely Planet gids te volgen, lukt dat toch niet helemaal, en zijn we binnen de kortste keren de weg kwijt. De Medina in Fès is een enorme doolhof van smalle straatjes, die door elkaar heen kronkelen, soms doodlopen, of je in een cirkeltje terug brengen naar waar je vandaan kwam. Oh ja, naambordjes, daar doen ze natuurlijk niet aan… Gelukkig kan je altijd de weg vragen en even later staan we toch voor “Dar Victoria”, een hotelletje in de Medina dat ons door Maarten van de Ojala is aanbevolen. Van buiten ziet het er niet bijzonder uit, maar dat verandert volledig als we binnenkomen. In de centrale hal is het een en al pracht en praal, met prachtige mozaïeken en marmeren pilaren. ‘S Avonds vertelt de Française die het hotel runt, ons van alles over de mozaïeken en hoe ze het hotel heeft opgeknapt. Bijzonder is dat -als je goed kijkt- je in de mozaïeken ook afbeeldingen van andere godsdiensten dan de Islam terugvindt. Er zijn afbeeldingen van mensen en dieren (niet toegestaan in de Islam), een davidsster en boeddhistische afbeeldingen.

Middags lopen we de Medina weer in, en dwalen heerlijk rond. Als we een telefoonwinkel zien kopen we een lokaal sim-kaartje, waarna GoogleMaps ons verder de weg wijst, toch handig… We komen langs eindeloos veel winkeltjes, die kleding en kruiden verkopen, metaal bewerken, hout bewerken en natuurlijk de leerlooierijen waar Fès bekend om is. Tegen de tijd dat het donker wordt komen we weer terug inde wijk Rcif waar ook het hotel ligt.

Zondag beginnen we met een heerlijk ontbijt in het hotel, we krijgen alle aandacht, maar zijn ook, zover we kunnen overzien, de enige gasten. Wouter en Myrthe zijn helemaal happy want ze hebben internet en dat betekent nieuwe spelletjes op de I-pad. Na het ontbijt lopen we weer de Medina in en lopen langzaam richting station. We gaan vandaag met de trein naar Casablanca, een treinreis van ca. vier uur. Gepakt met wat stokbroodjes met ei die je hier voor een paar dirham koopt en een fles water gaan we de trein in. Helaas…., de trein is bomvol en alle zitplaatsen zijn al bezet (de trein komt uit Marakkesch). Mijn enthousiasme voor de trein wordt weer iets minder, maar gezellig is het wel en het doet me ook wel weer denken aan de Interrail reizen die ik vroeger met o.a. Ron maakte. Gelukkig hebben we het laatste stuk naar Casablanca wel weer een zitplaats.

In Casablanca worden we door een groot aantal taxichauffeurs aangesproken, de een wil nog meer dan de ander. Het is ook lastig, je hebt “Grand Taxi’s”, dat zijn meestal oude Mercedessen die met meerderen gedeeld worden en “Petit taxi’s” waar je met maximaal drie personen in mag (tenzij je extra betaalt natuurlijk…). We lopen eerst maar even weg van het station en vragen dan de weg. Het hotel dat we hebben uitgezocht ligt aan de kust bij Corniche, en er blijkt een bus naartoe te rijden. Bij het eindpunt van de bus is het toch nog wel een stukje lopen, en dat is anders dan het kaartje van de Lonely Planet aangeeft. Ook GoogleMaps geeft iets anders aan… Tot ik goed kijk, en zie dat als je bij. google ons hotel intypt, er een marker op de kaart verschijnt, met de naam van een ander hotel. Van de marketiers bij KPN heb ik begrepen dat dit de doortraptere marketing trucs zijn, waarbij je GoogleAdd-words koopt van de concurrent. Blijkbaar wordt de Lonely Planet ook geschreven met GoogleMaps… Het is nog wel een klein uurtje lopen, maar het is een leuke boulevard waar we langs lopen en Wouter en Myrthe hebben de grootste lol en rennen heen en weer. Als beloning gaan we maar bij de McDonalds eten die naast het hotel zit, het is al laat en we hebben wel genoeg gelopen.

Vandaag, maandag 13 oktober, lopen we eerst over een prachtig breed strand naar het mausoleum Sidi Bou Abderrahmane, dat vroeger alleen met laagwater bereikbaar was. We zien het al van ver liggen en het zijn een paar traditionele huisjes op een rots in de zee gebouwd. Er loopt nu een brug naar toe, maar het blijft een erg leuk mini dorpje en op de rotsen heb je een prachtig uitzicht op de oceaan.

Hierna nemen we de bus naar de Moskee Hassan II. Dit is de op twee na grootste moskee die van 1987 tot 1993 gebouwd is, deels boven het water, conform de koran die zegt dat Gods troon gebouwd is boven water. Het is een enorm gebouw, met titanium deuren zodat ze niet corroderen zo vlak bij zee en een dak wat open kan schuiven. Er kunnen 25 duizend mensen in met aparte ruimtes op de eerste verdieping voor vrouwen. De minaret is de hoogste ter wereld (200 meter), maar ondanks al de deze overtreffende afmetingen en dure materialen, kan ik het toch niet echt mooi vinden. Het is gewoon te groot, denk ik. Wel leuk is dat we er in kunnen met een rondleiding door een overigens verrassend westers uitziende vrouw die ons van alles over de moskee vertelt. Onder de moskee is nog een enorm badhuis, maar dat moet nog steeds in gebruik genomen worden, wordt elk jaar gepland, maar gebeurt steeds niet, begreep ik van onze gids. Ik moet Wouter ervan weerhouden om erin te springen, alhoewel, anders was dat in gebruik nemen ook meteen geregeld…

Na de moskee Hassan II lopen we nog een route die in de Lonely Planet staat beschreven, door centraal Casablanca langs mooie gebouwen uit de Franse koloniale tijd (Mauresque style, 1912-1924). de gebouwen zijn een mix van de Franse Art Deco en de traditionele Marokkaanse stijl. Leuk om langs te lopen en als we klaar zijn begint het al te schemeren. We nemen een trammetje naar het station en daar kunnen we bijna direct in een trein naar Rabat stappen (die, geloof ik, een heleboel vertraging had, want hij stond op geen enkel bord, maar hij reed we goed door). Het is lekker als we rond negen uur weer op onze boot aankomen, voelt toch echt een beetje als thuis komen.