Het Zeeuws Archief en de Slavernij

Van Meivakantie Zeeland

Alhoewel er in Middelburg niet veel open is op zondag lukt het toch om bij Bakker Bart vers brood en Zeeuwse Bolussen te krijgen. Het weer wordt steeds beter en we ontbijten heerlijk, terwijl we op een prachtig plekje aan de Rouaansekaai liggen. Na het ontbijt maken we een wat langere wandeling door Middelburg, we lopen eerst naar de Lange Jan die onderdeel is van de Abdij en klimmen ruim 200 treden (Myrthe telde er 211) omhoog. Daar hebben we een fraai uitzicht over Middelburg, maar ook Vlissingen en het kanaal door Walcheren kan je mooi zien liggen. Wel jammer dat je niet naar buiten kan en door -soms wel erg vieze- ruitjes naar buiten moet kijken.

Nadat we wee naar beneden zijn geklommen lopen we een klein stukje verder naar het Zeeuws Museum dat ook in de abdij is gevestigd. Er hangen o.a. zes tapijten waarop de tachtigjarige oorlog is afgebeeld. Het stadhuis kunnen we niet in, maar er zijn voldoende terrasjes op de Markt om het stadhuis van de buitenkant te bewonderen. We lopen nog een rondje rond de grachten, doen boodschappen bij de Albert Hein en wandelen weer terug naar de boot. Rond een uur of vijf komen Eltjo en Lilian van de Win2Win langs. Hun boot ligt even verderop in de haven bij Watersportvereniging Wolphaartsdijk en ze waren toevallig aan boord. Het is alweer even geleden dat we ze gezien hebben en dus ook erg gezellig om weer bij te praten en alle plannen te horen onder het genot van wat pizza’s.

Maandag ochtend haal ik vers brood en vijf Zeeuwse Bolussen. Als ik terug kom op de boot zijn er nog maar vier Bolussen, dus maar weer terug naar de bakker die gelukkig vlakbij zit. Om tien uur komt mijn oom Roelof aan fietsen die hier vlakbij woont in Serooskerke en vroeger directeur was van het Rijksarchief. Wij krijgen vandaag een rondleiding door het Rijksarchief. We gaan direct op pad, koffiedrinken komt later wel. We lopen door de Kuiperspoort waar in de zeventiende eeuw tonnen en kuipen door het “Kuipersgilde” werden gemaakt. Dan lopen we naar de Balans waar het Zeeuws Slavernijmonument staat, midden in het centrum van de vroegere zeeuwse slavernij handel. Het bijzondere is dat er in Middelburg of in Nederland zelf eigenlijk helemaal geen slaven kwamen. De schepen van de West Indische Compagnie ruilden goederen in voor slaven, brachten de slaven vervolgens naar Suriname of de Caraïben, waar ze verkocht werden voor goederen zoals suiker en koffie, waarmee de schepen weer terug kwamen in Nederland. Hierna lopen we naar het Zeeuws Archief. Grappig dat iedereen mijn oom Roelof hier nog kent terwijl hij toch al een tijdje met pensioen is. We gaan eerst naar het “depot” waar ale oude stukken worden bewaard. Het is wel even heel wat groter dan het Leidsch gemeente archief waar ik laatst met de Myrthe haar klas mee naar toe ben geweest. Hier zijn maar liefst drie enorme etages onder grond, die hermetisch vergrendelbaar zijn.

Eerst laat mijn oom een logboek zien van een slavenschip van de Middelburgsche Commercie Compagnie en hoe daarin per slaaf werd bijgehouden waarvoor hij of zij geruild werd in West Africa. En hoe het schip er maanden over deed om voldoende slaven in te kopen. Daarna werd dan nog de reis naar Suriname gemaakt waar ze ook meer dan een maand over deden (wat best lang is). Verderop in het logboek lezen we voor hoeveel een slaaf dan weer verkocht werd in Suriname. Te bizar voor woorden, ik kan het maar amper bevatten, maar het staat er echt… Ook bekijken we nog een oude kaart van Suriname waarop alle plantages uit die tijd staan. We ontdekken ook plantage Frederiksdorp waar zowel mijn oom als wij vorig jaar geweest zijn. En ook Laarwijk dat tegenover Domburg aan de Suriname rivier lig, zien we liggen, verder herkennen we maar weinig van deze oude kaart. Na het depot krijgen we ook nog een uitgebreide rondleiding door het Van de Perrehuis waarin het archief is gevestigd, inclusief de voormalige werkkamer van mijn oom die me wel wat doet denken aan de burgemeesterskamer in het stadhuis van Leiden…

Na de leuke en ontzettend interessante rondleiding (zowel voor Wouter als Myrthe was dit het hoogtepunt van onze vakantie dat ze op school gingen vertellen) wandelen we terug naar onze boot en komen nog langs het oude spuikanaal op de Spanjaardstraat waar vroeger het water werd gespuid van een getijdemolen. Op de boot hebben we tijd voor een kop koffie met Zeeuwse Bolus en krijgt mijn oom een kleine rondleiding over ons schip. Daarna nemen we afscheid en varen wij verder naar Veere. Oom, ontzettend bedankt voor deze leuke rondleiding!

Als we na een uurtje motoren aankomen in Veere vinden we nog een mooi plekje aan de kade. We bezoeken het eerste deel van het Veerse museum, Schotse Huizen waar de Schotse inbreng in Veere wordt uitgelegd. We hadden in Schotland ook al gezien dat er een sterke band was met Zeeland, dus er valt weer een puzzelstukje op zijn plek. Daarna lopen we nog naar de kerk die Aranka en ik eigenlijk allebei nogal lelijk en vooral gigantisch groot vinden met de ingemetselde ramen. Wouter en Myrthe vinden het nu wel welletjes met alle musea en we gaan terug naar de boot. ’s Avonds net voor het donker wordt maak ik nog een wandeling door het Veerse Bos en over de dijk naar de Jachthaven Osstwatering en kom nog langs vestingswerken van de Fransen uit de tijd van Napoleon.

Dinsdag bekijken we nog het Veerse Stadhuis, waar onder andere het afsluiten van de het Veerse Gat wordt uitgelegd en hoe alle vissers voordat de dijk werd gedicht weg moesten. Hierna gooien we de trossen los. Op alleen de fok varen we met soms ruime wind, soms aan de wind ongeveer vijf mijl tot we bij Wolphaartsdijk zijn. Hier gaan we nog even op de koffie bij de Win2Win. Eltjo adviseert ons om zeker ook nog naar de Grevelingen te gaan. Na uitvoerig overleg met Wouter besluiten we Zierikzee over te slaan. Wouter wou daar graag nog een dag fietsen, maar het idee van een kleine eilandje met een klimtoren is toch aantrekkelijker en we hebben ook al zo veel leuke oude stadjes gezien. Na de sluizen komen we op de Oosterschelde en kunnen we heerlijk zeilen. Stukken hoog aan de wind, maar als we langs de Zeelandbrug varen en wij naar het oosten afbuigen krijgen we een steeds ruimere wind. Het laatste stuk door het Mastgat en het Zijpe is het druk met binnenvaartschepen. Als we door de sluis zijn motoren we de laatste halve mijl naar het eilandje de Mosselbank waar we inderdaad fantastisch liggen. Myrthe en Wouter vinden het helemaal prima. Ze kunnen in bomen klimmen, er is een klimtoren en een grasveld waar ze kunnen voetballen. Woensdag spelen ze ook nog met andere kinderen en nemen ze zelfs even een duik in het toch nog erg koude water.  Ik kon er maar net een foto van maken. Ze picknikken met pannekoeken en we hebben geen kind aan ze.

Donderdag varen we weer verder. Inger vaart een paar dagen mee en we pikken haar op bij de Grevelingensluis. Ze heeft er dan al bijna drie uur trein en bussen op zitten en is dus wel toe aan een kop koffie. Erg leuk om weer bij te praten. Bij de Krammersluizen gaan we met de grote vaart mee omdat we te hoog zijn voor de vaste brug van de sportsluizen. Tenminste dat denken we en dat is ook het advies van de vorige eigenaar die hier ook altijd de grote sluis nam waar de brug wel open kan. We moeten drie kwartier wachten en daarna motoren we tot we op de Noord Volkerak zijn en daar kruisen we tussen alle beroepsvaart door. Bij de Volkeraksluizen schutten we ook weer mee met de beroepsvaart en daarna zijn we alweer in Willemstad. We lopen een rondje over de stadswallen en genieten dan nog van de laatste zonnestralen vanuit de kuip met zicht op een oude molen. De kinderen pakken een schetsblok en zijn allebei druk bezig om op papier te schetsen wat we om ons heen zien. We genieten van de zwaluwen die op de landvasten zitten en hele verhalen vertellen en zien nog een koekoek overvliegen. Het was dat ie zijn naam riep anders had ik hem niet herkend.

Vrijdag hebben we een heerlijke zeildag met de wind van achteren. We varen samen op met een moderne Centurion 40.S.2 van de ontwerper J. Berret & Racoupeau, die net als wij ook met een gennaker vaart. Bij vertrek grapt de schipper van de andere Centurion nog vol vertrouwen dat het een wedstrijdje Berret versus Dubois (ontwerper van onze Centurion) wordt. Dat had hij nou niet moeten zeggen… We trimmen de gennaker net zo lang tot we hem op- en voorbij lopen. Nadat we de gennaker ombouwen tot spinnaker blijft hij nog verder achter ons! Erg handig dat Inger aan boor dis en we een extra paar handen hebben. We genieten volop van het heerlijke weer en de prachtige en relaxte zeiltocht. Als we aankomen in Hellevoetsluis meren we af aan de kade voor de brug. We maken nog een wandeling en bezoeken het historische Droogdok Jan Blanken dat nog steeds in gebruik is.

We wandelen terug over de vesting. Hier liepen we bijna twee jaar geleden ook toen we net vertrokken waren voor onze reis naar de Carib. Niemand heeft veel zin om te koken en bovendien zit er geen supermarkt in de buurt dus we halen pizza en patat. Wouter en Myrthe vinden het meer dan prima, en wij eigenlijk ook. Zaterdag varen we weer terug richting Scheveningen. tot de Maasmonding hebben we prima wind en zeilen we heerlijk, maar midden in de Maasmonding valt de wind weg. Zo dobberen we met de stroom mee de Maasmond over. Gelukkig is het toevallig erg rustig en is er geen grote vaart in of uit Rotterdam, anders hadden we zeker de motor aan moeten zetten. We proberen het nog even met de Gennaker maar even later is ook daar niet meer genoeg wind voor en gaat toch de motor aan. Na een kwartiertje komt de wind opeens van de andere kant (noordwesten en kunnen we de laatste paar mijl nog lekker zeilen. Als we aankomen staan Wouter en Yissak Inger al op te wachten. Het is een drukte van jewelste in de haven want komende week is de North Sea Regatta en alle botenlopen nu al binnen. We eten nog samen nog wat in een restaurantje en dan gaan Inger, Yissak en Wouter naar huis. Wij slapen nog een nachtje op de boot en dan zit het er voor ons ook weer op. Als ik Myrthe en Wouter vraag wat ze volgend weekend willen doen, roepen ze in koor dat ze weer naar de boot willen.

Nachttocht naar Vlissingen


We hebben anderhalve week vakantie en willen naar Zeeland. Lekker na drie weken al weer anderhalve weer vakantie, zo is het goed te doen! We maken slim gebruik van Koningsdag en Hemelvaartsdag en zo kunnen we met zes vrije dagen mooi anderhalve week weg. Vanuit Scheveningen is Zeeland relatief dichtbij en we zijn er pas één keer eerder geweest. Ons plan is om op Koningsdag naar Vlissingen te varen en dan binnendoor terug te varen via Middelburg, Veere, Zierikzee, Willemstad en dan weer terug naar Scheveningen, maar ja niets zo onbetrouwbaar als het plan van een zeiler…

Op Koningsdag staat er nog mooi een Noordwesten wind. De dag daarna krimt de wind nar het zuidwesten, en dat is minder als je van Scheveningen naar Vlissingen wil varen. Maar als we het weerbericht bekijken zien we dat op Koningsdag ter hoogte van Stellendam bijna 30 knopen wind staat met windstoten van meer dan 40 knopen onder buien, en dat uit het noordwesten over de zandbanken voor de Zeeuwse kust. Aranka en ik kijken elkaar eens aan en hebben hier niet zoveel trek in. Maar goed wat dan…, in ieder geval Koningsdag vieren in Scheveningen. We halen Oranjebollen bij de Jumbo en lopen via Scheveningen dorp naar de Pier waar ook en vrijmarkt is. Het valt ons op dat in Scheveningen nog volop hondenpoep op de stoep ligt terwijl dat op andere plaatsen toch vrijwel uit het straatbeeld is verdwenen. Blijkbaar is deze ontwikkeling aan de Scheveningse hondenbezitter voorbij gegaan. Maar het is wel een gezellig dorpje in een stad. En als we op de boulevard komen hebben we een prachtig uitzicht over zee met de branding en de donkere wolken erboven. Wouter vindt nog een Skylander Swapforce mannetje op de vrijmarkt en Myrthe koop nog maar weer eens een knuffel.

Van Meivakantie Zeeland

’s Middags gaan we naar het Museon waar onze zintuigen weer mooi in het ooitje worden genomen. We hebben inieder geval veel lol en overleggen ondertussen hoe we nu het best in Vlissingen kunnen komen. ’s Nachts gaat de wind al een stuk liggen en vanaf één uur wordt het ook helder, dus we besluiten dat we ’s avonds rond een uur of acht vertrekken. Na het eten maken we de boot klaar en gooien we de trossen los. Het eerste stuk is het nog licht en krijgen we ook meteen een flinke bui ever ons heen. Van het ene op het andere moment neemt de wind toe van 15 knopen naar 30 knopen. We hadden al twee riffen gezet in het grootzeil dus we hoeven alleen de genau in te draaien, en dan nog schieten we met meer dan negen knopen door het water. Dan begint het ook te plensen en even later zitten we midden in een sneeuwbui. Brrr…. Gelukkig is de bui voorbij als we bij de Maasmonding komen. We kunnen mooi achter een paar grote jongens, die voor ons langs varen, de geul oversteken. Als een vrachtschip buiten de vaargeul wat al te dicht in de buurt komt roep ik toch nog maar even sector Maasmond op, we kunnen er voor langs en onze koers aan houden. Vanaf de Maasmonding tot kort bij Vlissingen varen we langs geankerde zeeschepen, er komt geen eind aan. Het weer knapt op, maar de wind valt zo nu en dan ook weg, dus stukjes moet de motor aan.

Het laatste stuk door het Oostgat hebben we een fikse stroom mee en proberen we net buiten de vaargeul te varen Gelukkig liggen de boeien goed op hun plek want er zijn er een paar onverlicht en die zien we pas op het laatste moment aan ons voorbij schuiven. De verkeerscentrale Vlissingen roept ons op, en wil wel weten waar wij zo midden in de nacht naar toe varen. Daarna houden ze ons keurig op de hoogte van uitgaande vaart vanuit Vlissingen. We varen door een smalle doorgang (zes meter terwijl ons schip ruimt vier eter breed is) de haven in. Ik had al even gebeld en de voetgangers bruggetjes staan keurig open zodat we de Michiel de Ruyter haven in kunnen. Dit is inderdaad ook de haven van waaruit Michiel de Ruyter vroeger vaak naar zee vertrok. Hij was in zijn jonge jaren in dienst bij de reder Cornelis Lampsins en vertrok voor menige reis vanaf de steiger voor het Lampsinshuis dat pal tegenover ons ligt en waar nu het muZEEum in is gevestigd. Samen met Aranka drinken we nog een borrel op de goede aankomst en dan gaan we lekker slapen.

Van Meivakantie Zeeland

Donderdag slapen we lekker uit, dat wil zeggen dat Aranka en ik dat proberen. Myrthe en Wouter zijn gewoon op tijd naar bed gegaan en proberen op hun geheel eigen wijze erg stil te doen… Om tien uur geef ik het op en na een lekker ontbijt genieten we van het gezellige Vlissingen. Zowel Aranka als ik zijn hier eigenlijk nog nooit echt geweest. We hebben hier wel ons schip opgehaald en ik heb een keer een bootreisje gemaakt over de Westerschelde, maar we hebben nooit echt het centrum bekeken. En dat terwijl het toch echt een erg leuk stadje is, zeker als je zo midden in het centrum ligt! We lopen langs de Kazematten en daarna een stuk langs de dijk en dan via het centrum weer terug naar de haven. Het muZEEum en de Kazematten bewaren voor vrijdag want dan komt de volgende depressie over. ’s Avonds eten we heerlijk gebakken aardappelen met zalm en sla. Wouter en Myrthe vinden het toch wel zielig voor de dieren, dat ze alleen maar leven om door ons te worden opgegeten. Ja, tegen die kinder logica is niet zo veel opgewassen. We komen tot een compromis dat we nog maar om de dag vlees of vis eten. Ik ben benieuwd hoe lang we het vol gaan houden.

Van Meivakantie Zeeland

Vrijdag gaan we eerst naar het muZEEum, in het Lampsinshuis, een prachtig oud stadspaleis uit de gouden eeuw. Er wordt verteld hoe wrakken zijn geborgen in de Schelde, hoe het loodswezen zich heeft ontwikkeld en hoe er strijd was tussen de Belgische loodsen en de Nederlandse loodsen om als eerste bij een zeeschip aan te komen. Bovenop het Lampsisnshuis is een torentje van waar Cornelis Lampsins zijn schepen kon zien aankomen. Nu heb je er nog steeds een mooi uitzicht over de stad en de Schelde. We zien ook modellen van de VOC e WIC schepen en lezen we over de handel en hoe belangrijk Walcheren was in die tijd. Er wordt alleen weer opvallend weinig over de slavernij vertelt, wat toch een belangrijke rol speelde in de handels driehoek van de WIC. Des te leuker is het dat mijn oom Roelof ’s middags belt dat hij ons kan rondleiden door het Zeeuws Archief in Middelburg waar hij heeft gewerkt. Dat is leuk omdat hij ons veel kan vertellen over de de tijd van de Gouden Eeuw en ook van de rol van de Nederlanders in de slavenhandel. OP de bovenste verdieping van het muZEEum wordt verteld hoe Walcheren aan het eind van de tweede wereldoorlog onder water werd gezet door de Engelsen die de dijken bombardeerden om zo de Duitsers te verdrijven. Wist ik eigenlijk helemaal niets van, blijkbaar niet opgelet op school… Maar wel ongelofelijk dat grote delen van Walcheren dus in tien jaar tijd twee maal geevacueerd zijn en langere tijd onder water hebben gestaan. Na het muZEEum gaan we naar de Kazematten, die overigens nog steeds regelmatig onder water lopen omdat ze buitendijks liggen.

Van Meivakantie Zeeland

De volgende ochtend vertrekken we rond acht uur uit de Michiel de Ruyterhaven en varen we de Schelde weer op, maar een heel klein stukje tot we bij de zeesluis weer naar binnen varen. We zijn ruim op tijd voor de “blauwe golf” van bruggen over het Kanaal door Walcheren richting Middelburg, zo zeer zelfs dat we een brug eerder halen. Als we de brug in Middelburg willen halen moeten we wel flink doorvaren,maar dan zijn we ook zo in Middelburg. We krijgen een prachtig plekje in Eerste Binnenhaven.

Aangezien de motor nog goed warm is, kan ik mooi even de olie verversen. De olie is nu goed vloeibaar en kan ik makkelijk via de peilstok opening uit de motor zuigen met een tank die je vacuum pompt en een slangetje. Dat lukt prima en ik kan de oude olie achterlaten bij Jos Boone. Waar ik minder blij mee ben is dat er weer ens koelvloeistof inder de motor staat. Blijkbaar is de druk in het koelwater te hoog geworden en is het koelwater in het interne koelsysteem gekomen. Dit probleem hebben we nu al zo vaak gehad dat ik er wel een beetje een punthoofd van krijg, maar goed het is zoetwater, dat valt nog mee. Moeten we thuis maar weer zien op te lossen. Als de olie ververst is, lopen we Middelburg in en komen we langs prachtige gebouwen, de Abdij, het Stadhuis en Kloveniersdoelen. Op de terugweg komen we ook nog langs het Zeeuws Archief, maar daarover later meer.

Van Meivakantie Zeeland
Van Meivakantie Zeeland

Weer thuis…


Veel sneller dan verwacht
Zaterdag zien we dat we al ergens ’s nachts voor de Nederlandse kust zullen aankomen. We gaan veel sneller dan we van te voren hadden verwacht. De wind staat lekker door van achteren en we lopen continu 7 knopen en in het begin nog sneller met de stroom mee. Blijkbaar kan je dus prima in een nacht en twee dagen van Whitby naar Scheveningen varen, of als je liever ‘s-nachts vaart in één dag en twee nachten. Leuk voor als we nog eens een weekje willen zeilen…

Ze kust nog net niet de grond…
We besluiten nu eerst naar IJmuiden te varen en daar een paar uurtjes te slapen, dan kunnen we ’s ochtends rustig naar Scheveningen varen en daar om 12 uur aankomen. Als we ten zuiden van het laatste TSS bij Texel varen wordt het drukker. Het is inmiddels donker en een wirwar van lichtjes tekent zich af langs de horizon. Windmolens, boorplatforms, schepen die we ook op de AIS zien en schepen die we niet op de AIS zien. Eerst komen er drie slepers met een boorplatform op ons af. Wij verleggen onze koers wat naar het zuiden zodat ze ongehinderd ten noorden van ons langs kunnen varen. Als we daarna net ten zuiden van het verkeersvak naar het noorden willen oversteken komen er acht schepen op ons af waar we tussendoor moeten varen. De eerste drie gaan voorlangs, maar met de vierde liggen we op ‘collision course’. Hij kan makkelijk achter ons langs maar als ik hem oproep wil hij toch voorlangs en hij geeft aan bij te sturen naar stuurboord. Nou wij hebben ook een lekker gangetje en hij moet een hele omweg maken om voor ons langs te varen. Hij mist bijna de ingang van het TSS… Maar goed, dat zit er ook weer op. We varen nog een paar uur door voordat we rond twee uur bij de haveningang van IJmuiden aankomen. Na een paar dagen noord-westen wind staan er behoorlijke golven tussen de havenhoofden. We volgen netjes de lichtenlijn en na een paar minuten heen en weer geschud te zijn, zijn we erdoorheen. Vlak bij de haven strijken we de zeilen. De passantensteiger ligt helemaal vol en we meren af langszij bij een vriendelijke Belg die ook even komt kijken en een praatje komt maken. Hij wil ook langer weg met zijn schip en is zich aan het voorbereiden en vindt het -zelfs midden in de nacht- interessant om te horen waar we geweest zijn. Myrthe komt ook nog uit haar bed gekropen, ze wil weer even op Nederlandse bodem staan. Ze kust nog net niet de grond… Dan gaan we allemaal snel naar bed, morgen moeten we wel weer op tijd op zodat we om twaalf uur in Scheveningen zijn. Wat voelt het vreemd om weer in Nederland te zijn. We betrappen ons erop dat we nog steeds verbaasd en enthousiast reageren op elke Nederlandse vlag die we zien, “Hé kijk daar ligt ook een Nederlander…”.

We proberen zo langzaam mogelijk te zeilen
Zondag waait het wat harder dan voorspeld in de grib-files. We lopen weer het risico te vroeg aan te komen, en dat is natuurlijk niet leuk want misschien zijn er wel mensen die komen zwaaien. We proberen zo langzaam mogelijk te zeilen (hele nieuwe ervaring…) en zetten twee riffen in het grootzeil en drie in de rol-genua. Toch blijven we tussen de zes en zeven knopen lopen. Een ander scheepje dat met vol tuig vaart loopt ons maar nauwelijks op. We zien de vertrouwde kust van Holland. Eerst Zandvoort, dan Noordwijk en Katwijk en tenslotte Scheveningen. We krijgen een SMS-je dat Geoffrey, Tessa en Bob ons per kano tegemoet komen varen. We spreken af bij de uiterton, maar als we daar komen is er nog geen kanoër te zien dus gaan we maar even bijliggen. Als het bijna twaalf uur is varen we langzaam richting de haven en dan zien we door de verrekijker drie kleine stipjes bij het havenhoofd. Even later zijn Geoffrey, Tessa en Bob naast de boot. Wat ontzettend leuk dat ze ons zo tegemoet varen en wat fijn om ze na een jaar weer te zien! Er is iets te veel deining om koffie voor de kanoërs te serveren dus dat houden ze tegoed voor in de haven.

Bijzonder en welkom gevoel
Als we langzaam verder varen richting de haven ontwaren we een hoop vrienden en familie op de zuid-pier. Wat leuk dat al die vrienden en familie gekomen zijn. Een heel bijzonder en welkom gevoel om zo terug te komen. Dan zien we op de noord-pier ook nog mensen staan, vriendjes van Wouter en Myrthe met hun ouders en roeimaatjes van Aranka. Even later zien we op de oude pieren van de buitenhaven ook nog onze buren Eric, Saskia, Dante, Anna en Issa staan. Wat gaaf zo! We strijken onze zeilen in de eerste haven en als we door “de Pijp” varen ziet Wouter zijn beste vriend Bas op de kant staan. Uitzinnig van vreugde begint hij te roepen en te toeteren. Ook Ellen en Herbert staan hier te zwaaien. We genieten volop van deze vrolijke en welkome ontvangst. De haven is erg vol, onder andere ook vanwege Sail Amsterdam dat over drie dagen begint en omdat de staande mastroute gestremd is vanwege het ongeluk met de brug bij Alphen aan de Rijn. Gelukkig heb ik een paar dagen geleden al de havenmeester gebeld en heeft hij een box voor ons vrij gehouden zodat we niet vijf dik ingebouwd hoeven te liggen.


De boot ligt een stuk dieper
Al snel stroomt de boot vol, Inger en Wouter en Marja hebben koffie en cake meegenomen. Erg gezellig zo met zijn allen op de boot. De boot ligt een stuk dieper wat je goed kan zien aan de stootwillen die nu op het water drijven. Fijn om iedereen weer live te zien. Van Inger en Wouter krijgen we ook nog een Nederlands thuiskom pakket vol met Nederlandse lekkernijen. Iedereen super bedankt voor deze mooie thuiskomst!

Myrthe gaat mee met onze buren om te spelen en te logeren bij Anna. Wouter gaat mee met zijn grote vriend Bas en mag daar ook blijven logeren. Zo hebben wij opeens een heerlijk rustig avondje samen. We lopen langs de kade als we opeens onze naam horen. Op een terrasje zien we Harry en Jantine zitten, de vorige eigenaren van ons schip. Ze hebben net mosselen besteld en vragen of wij een hapje mee willen eten. Het is leuk ze weer te zien en ze zijn erg geïnteresseerd hoe het tijdens onze reis allemaal is gegaan. Ze hebben erg meegeleefd en vinden het na afloop leuk om nog even op hun oude schip te kijken.

Myrthe vindt ons huis maar klein…
Maandag is het een regenachtige dag. Ik huur een busje en vanaf dat moment begint het sjouwen en inpakken. ’s Ochtends halen we de boot leeg en pakken alles in tassen. Dan rijden we naar huis, een raar gevoel om na een jaar weer terug te komen in het zo vertrouwde huis. Enerzijds is er voor je gevoel heel veel gebeurd in het afgelopen jaar en anderzijds voelt alles weer zo als vanouds dat het ook wel lijkt alsof je niet weg bent geweest. Gelukkig hebben de huurders alles keurig achtergelaten. Van de buren staat er ook nog een welkoms pakket met lekkere dingen en voor de kinderen liggen er kadootjes van de buurmeisjes. Myrthe had al even in het huis gekeken en vertelt ons dat ze het huis maar klein vindt….blijkbaar is ze flink gegroeid het afgelopen jaar…

Eng om alleen zonder Myrthe te slapen
Als de bus leeg is rij ik samen met Aranka door naar de garagebox waar al onze spullen staan opgeslagen. In drie keer rijden lukt het om alle spullen weer naar de Rijn en Schiekade te verhuizen. Wat een hoop spullen hebben we toch, en ik heb niets van dat alles ook maar één minuut gemist. We nemen ons voor om weer veel weg te doen. De rest van de dag zijn we bezig met verhuizen en uitpakken. ’s Avonds weer eens pizza gegeten. ’s Avonds gaat Myrthe in haar eigen bed slapen en Wouter op de logeerkamer omdat zijn bed nog in elkaar gezet moet worden. Nadat ze en half uurtje op bed liggen komt Wouter weer naar beneden, hij vindt het eng om alleen zonder Myrthe te slapen. Even later staat Myrthe ook beneden, ze vind het ook ongezellig zo zonder Wouter. Ze vinden samen snel een oplossing, ze slepen een matras naar Myrthe haar kamer zodat ze toch bij elkaar kunnen slapen. Sinds dat moment heeft Wouter helemaal geen haast meer met het in elkaar zetten van zijn bed, sterker nog hij maakt zich zorgen dat ie dan alleen op zijn eigen kamer moet gaan slapen… Dan zijn wij ook moe en gaan met een vreemd gevoel naar bed. Nu is het wel echt helemaal voorbij.

Dinsdag gaan we verder met uitpakken en breng ik ‘s-ochtends het busje terug. ’s Middags gaan we met de trein en de bus terug naar de boot. Aranka en ik vinden het wel lekker om nog even op de boot te zijn. Op de één of andere manier is het leven op zo’n schip heel eenvoudig. Je hoeft bijvoorbeeld nooit ver van huis te zijn, want je huis vaart gewoon daar naartoe waar je moet zijn. Als je iets nodig hebt, wacht je gewoon tot je in een haven bent waar je het makkelijk kan krijgen. En sjouwen met spullen hoeft sowieso niet want daar heb je helemaal geen plaats voor. Nu we thuiskomen stapelen de actielijstjes zich alweer op. Maar goed we gaan woensdag lekker meevaren met de Sail-In Parade. Wouter, Inger en Marja, de moeder van Aranka, varen ook mee. Gezellig!

Een schotel kibbeling waar Wouter’s hoofd nauwelijks bovenuit komt
Als we dinsdag aankomen in Scheveningen begint het net te plenzen. Het is al laat en we moeten nog wat eten en dus besluiten we vis te gaan eten bij Simonis. Aranka gaat vanuit de tram met Myrthe en Wouter direct naar Simonis en ik breng eerst nog even wat spullen naar de boot. Daarna kan ik met een leenfiets ook weer snel naar de andere kant van de haven fietsen. We zijn nog net op tijd en omdat we de laatste bestelling doen krijgen we enorme hoeveelheden vis. Zonder meer veel te veel om op te eten. Wouter zit achter een schotel kibbeling waar zijn hoofd nauwelijks bovenuit komt. We nemen wat overblijft maar mee, is ook lekker morgen tijdens de Sail-In Parade. Woensdag vertrekken we wat later dan gepland. We werden pas na acht uur wakker, blijkbaar hadden we wat slaap nodig. Er staat niet veel wind (2-3 Bft) maar als we de spinnaker zetten lopen we toch met vijf tot zes knopen naar IJmuiden. We varen op met een paar andere zeilboten die ook naar de Sail-In Parade lijken te gaan, maar die op de motor varen. Langzaam lopen we op ze uit en we halen ook andere op de motor varende zeilboten in. Toch lekker zo’n Spinnaker! Rond half één pikken we in IJmuiden Inger, Wouter en Marja op bij de jachthaven. We liggen aan lagerwal in een kommetje, mooi om eens met een loeflijn af te varen. Terwijl een aantal opvarenden nog zit te puzzelen hoe je hier nou weg moet komen draait de White Witch heel rustig bijna 180 graden tot ze mooi in de richting van de uitgang van de haven is gekeerd. Bij de sluizen is het erg rustig, we maken ons al zorgen dat de Sail-In parade al voorbij is. Alle grote tallships zijn tussen acht en twaalf uur vanochtend door de sluizen geschut die toen voor het overige verkeer gestremd waren. Maar als we voorbij het sluizencomplex zijn komen we gelukkig midden in de Sail-In parade terecht. We kijken onze ogen uit, naar de prachtige tallships. Veel schepen hebben hun zeilen op, wat het nog indrukwekkender maakt. Leuk zijn ook de schepen waar de bemanning op de zalingen staat. Inger en Wouter hebben taart meegenomen en tijdens de koffie halen we ook onze seinvlaggetjes tevoorschijn en maken een mooie pavoiseerlijn met vlaggetjes, dat ziet er feestelijk uit!

We genieten volop
We varen wat langzamer dan de grote tall-ships zodat de een na de ander voorbij komt varen. Alhoewel het wel druk is, is er voldoende ruimte om te varen en de sfeer is erg gezellig, kortom we genieten volop. Het weer werkt ook nog mee en in de loop van de middag breekt het zonnetje door. Halverwege zien we Susanne Duin van de Bruynzeelhaven waar we vorig jaar een paar maanden konden liggen. Ze nodigt ons uit om even langs te komen op de haven. Als we een paar uur later langs de Bruynzeelhaven komen meren we af in een box die nog vrij is en kletsen bij. Ze hebben onze voorbereidingen voor de reis meegemaakt en vinden het leuk om te horen hoe het gegaan is. Ook horen we nu van degene die met de Antares is meegevaren naar Suriname hoe het hun vergaan is. Leuk en gezellig weerzien. Na een uurtje gaan wij verder, hopelijk is de Oranjehaven (normaal IJ-haven) nu niet meer gesperd en kunnen we langs alle tallships varen.


Bij het station gaan Inger en Wouter van boord. Een sloepje met een paar vrolijke lui wil ze wel even aan de kant zetten. Marja blijft aan boord en vaart mee naar Lelystad waar de White Witch morgen de kant op gaat. Een vroege winterstalling, want we verwachten eigenlijk niet dat we dit jaar nog veel gaan zeilen. We hebben er wel voldoende mijlen op zitten en Myrthe en Wouter hebben nu ook wel zin in andere leuke uitstapjes.

Laatste tallships is afgemeerd
Wij varen met Marja door en moeten nog even wachten bij de Oranjehaven totdat één van de laatste tallships is afgemeerd. Bij dat wachten is het wel echt druk en is het goed dat we fenders uit hebben gehangen. Aranka moet ook nog een paar keer met de fenderbal een andere bootje afhouden, maar de sfeer is heel gemoedelijk. En dan is de Oranjehaven vrij en kunnen we in een gezellige drukte langs alle tallships varen. Indrukwekkend als je ze zo bij elkaar ziet liggen. We zien ook nog een duikboot en als we weer uit de Oranjehaven varen komt net het laatste tallship binnenvaren. Je moet het maar doen, tussen die honderden bootjes zo’n enorm schip afmeren.

In de verte zien we het vuurwerk
Het is inmiddels rond achten als we de Oranjehaven verlaten en we varen richting de Oranjesluizen. We hoorden dat het daar ’s middags heel erg druk was, maar wij kunnen nu zo de sluis invaren en ook de Schellingwouderbrug draait net als we aan komen varen. We motoren nog tot we echt op het Markermeer zijn en dan kunnen we zeilen. Het water is spiegelglad en het is opmerkelijk hoe rustig het hier is, maar een half uurtje varen van de enorme drukte in Amsterdam. Er staat maar zeven knopen wind, maar de wind komt gunstig in waardoor de schijnbare wind wat meer is en we toch vier knopen lopen. Na anderhalf uur varen we de haven bij de Blocq van Kuffeler in en gooien ons ankertje uit. Het is een prachtige avond en de kids en Marja slapen al. Samen met Aranka kletsen we nog wat na met een glas wijn. In de verte zien we het vuurwerk dat bij Sail Amsterdam wordt afgestoken, maar verder is het stil en rustig. Prachtig! Het was vandaag een drukke, maar ook ontzettend leuke dag. Zo met de Sail-In parade mee te varen voelt als een mooie afsluiting van Onze Zeilreis. Het blijft een vreemd gevoel om terug te zijn. Enerzijds is het fijn om iedereen weer te zien en weer in ons huis te wonen, maar we missen ook het lekker ongecompliceerde leventje op de boot. Het is ook voor ons tijd om maar eens naar bed te gaan. Morgen zetten we de boot op de kant en dan is het echt helemaal over en uit!

Vertrek uit Scheveningen richting A Coruña

Zaterdag ochtend (19 juli) staan we bijtijds op om de boot klaar te maken, en wat laatste boodschappen te doen, waar het de laatste dagen nog niet van gekomen is. Gelukkig hebben we bij het leeghalen van ons huis nog een behoorlijke voorraad voedsel gevonden dus voorlopig hebben we voldoende te eten en te drinken. Met een leenfiets van de haven halen we nog de laatste spullen bij de Jumbo en de Aldi. Toch weer vier grote tassen vol. We lopen met de fiets terug, en als we bij de boot komen staan voor het hek al onze ouders te wachten en komen net Geoffrey, Bob, Tessa en Eric aanrijden, vier vrienden waarmee wij ook veel op zee gekanood hebben, en die nu met ons de eerste mijlen mee varen. Terwijl wij de boot klaar maken vermaken Wouter en Myrthe zich met de kanoërs, specifiek met Geoffrey die nog een demonstratie eskimoteren (en in dit geval ook zwemmen) geeft…
Wouter
Terwijl we druk alle laatste dingen klaar maken, worden we door veel vrienden en hun komst in de haven, en nog even op ons schip verrast. Zo leuk dat iedereen er is, helaas kunnen we geen koffie of thee aanbieden. Want alle laatste voorbereidingen vragen onze laatste concentratie, en voortgang. Compleet verrast is Ranka door de komst van haar collega Sjaak.
Onder Onder
Gelukkig hebben we alle belangrijke zaken wel klaar, staat er een heerlijke noordwesten wind en is het prachtig weer, toch is het nog erg druk in ons hoofd met het vertrekken. Maar het is wel overweldigend dat zoveel vrienden (ook van Myrthe en Wouter) zijn komen kijken om ons uit te zwaaien en om mee te varen.
Uitzwaaien Uitzwaaien
Wonder boven wonder zijn we iets voor twaalf uur inderdaad klaar om te vertrekken en gooien we klokslag twaalf uur de trossen los. Op de havenhoofden worden we van twee kanten uitgezwaaid, terwijl we samen met de vier zeekano’s naar zee varen. Het is een prachtig gezicht zo. Mooier vertrek hadden we ons niet kunnen wensen.
Koffie
Het is rustig weer zodat we Bob en Geoffrey nog een kopje koffie kunnen aanbieden op volle zee.
Daarna nemen we afscheid, en als we de Genua erbij zetten zien we de vier kanoërs snel in kleine stipjes aan de horizon veranderen. Het voelt nog helemaal niet als voor een jaar vertrekken, maar eigenlijk meer als een gewone zeiltocht langs de Nederlandse kust. Het gevoel dat we echt voor een jaar zijn vertrokken moet nog landen.
Vertrek
We zeilen met een knoop of acht, hebben stroom mee en schieten lekker op. Als we de uiterton van het Slijkgat naderen, overwegen we of we door zullen varen naar Vlissingen of richting Hellevoetsluis zullen gaan. Op de marifoon horen we net dat de Toerzeilers die net vertrokken zijn naar de Scillies overnachten in Scheveningen in verband met de windverwachting (mogelijk 35 knopen wind). Wij kiezen dus ook voor Hellevoetsluit en varen via het Slijkgat het Haringvliet op. Zondag bekijken we Hellevoetsluis, en verder rusten we uit en zwemmen nog wat bij het strandje in het Haringvliet. Heerlijk om even een dagje niets te hoeven, als het goed is gaan we dat vaker mee maken…
Wouter
Maandag varen we iets voor de middag op de Genua naar de Haringvlietsluis en daarna met stroom mee het Slijkgat uit. Er staat een heerlijk bakstag windje en rond de kentering als we tegenstroom krijgen zijn we bij Oostende waar we binnen lopen en in de Mercatorhaven een plaatsje krijgen. De Mercatorhaven ligt midden in het centrum, en is ook heel beschut. Via een erg leuk sluisje en twee bruggetjes wordt je er binnen gelaten. Wel een veel leukere ligplaats dan de Royal Yacht Club Oostende waar ik eerder een keer heb gelegen, en waar verder helemaal niets te beleven viel. ’s Avonds lopen we nog een rondje door het centrum, voor Wouter en Myrthe is het eigenlijk veel te laat maar je merkt dat ze echt behoefte hebben om even lekker te rennen en te bewegen na een dag op zee. Vooral Wouter is een echte stuiterbal en blijft maar heen en weer rennen.

Dinsdag vertrekken we weer rond het middaguur zodat we op de Noordzee de stroom mee hebben. Het is wel puzzelen om een goede route door de zandbanken heen te vinden. De kaart op de plotter is behoorlijk onleesbaar doordat bij België de kleuren opeens veranderen in geel en oranje en de relatie tussen kleur en diepte ook niet meer aanwezig lijkt. Ik zit eindeloos te prutsen met de plotter maar het lukt niet om de normale dieptekleuren terug te krijgen. Gelukkig hebben we ook papieren kaarten. (Later ontdek ik dat er een nieuwe optie zit op de plotter, waarbij de je de zeebodem in kleuren kan weergeven, als ik deze uitzet heb ik weer de normale zeekaart.)
Als we wegvaren staat er nog een straffe bries en zetten we een rif. De zee is nog behoorlijk hobbelig, maar in de loop van de dag nemen zowel de wind als de golfhoogte af. Aan het eind van de middag komt zelfs de zon nog even te voorschijn. We beginnen een beetje in-geslingerd te raken en aangezien het een rustige nacht wordt besluiten we bij Boulogne door te varen naar Cherbourg. Gelukkig maar, want ’s nachts zeilen we nog heerlijk onder een prachtige sterrenhemel, terwijl woensdag de wind steeds verder afneemt en we de laatste mijlen naar Cherbourg zelfs moeten motoren. ’s Nachts beginnen we voorzichtig met ons wachtloop systeem zodat we allebei ook nog wat slapen. Het is inmiddels al donker als we Cherbourg binnen lopen en een plaatsje aan de bezoekerssteiger vinden. Als we eenmaal liggen drinken we samen nog wat om te vieren dat we onze eerste nachtetappe erop hebben zitten.

Donderdag vertrekken we alweer vroeg om op tijd bij Cape de la Haye te zijn en het stroomvenster naar Guernsey mee te pakken. We varen via de “Race van Alderny” en de Big Russel. De wind staat pal van achteren en we varen delen op “twee oren” en kruisen de rest af om het geklapper van de zeilen zo veel mogelijk te beperken. Via de “Musé Passage” varen we ten noorden van de “Lowerheads” zuid kardinaal. Nu bedoeld, met een cursus zeezeilen was ik hier ook en toen gingen we onbedoeld ten noorden van deze zuid kardinaal, is toen gelukkig ook goed afgelopen want hij staat er niet voor niets!

In de haven St Peters Port moeten we nog ongeveer twee uur wachten om in de binnenhaven te kunnen. Er zit een drempel die met laagwater droog valt en pas ca. 2 uur voor hoog water kan je over deze drempel heen. We besluiten toch te wachten en geen plaats in de buitenhaven te nemen, omdat ik me nog herinner dat je in de buitenhaven alleen met je bijboot naar de kant kan. Als we na twee uur wachten naar binnen kunnen blijkt dat je vanaf de steigers in de buitenhaven inmiddels ook direct de kant op kan… Als we dat hadden geweten waren we lekker in de buitenhaven gaan liggen!

Vrijdag huren we fietsen en krijgt Wouter een echte mountain bike. Zijn dag kan niet meer stuk. In het verkeer is het wel echt oppassen (links rijden, maar vooral bij oversteken de ‘verkeerde’ kant op kijken blijft lastig, zeker met kinderen erbij!). Gelukkig vinden we buiten St. Peters Port snel allerlei leuke kleine weggetjes die niet zo druk zijn en maken we een leuke fietstocht. We komen langs Beacette Marina, een heel erg leuk haventje dat wel erg afgelegen ligt, en langs het strand waar we nog zwemmen en een ijsje eten. Kortom een heerlijke rustige dag.

Zaterdag varen we eerst via de ‘Alligande Passage’ en de ‘Percée Pasage’ naar een anker plek bij Herm. Aranka en ik zijn hier jaren geleden (1998?) samen met Levitas ook al eens per kano geweest. We varen met de dinghy naar de kant en maken een mooie wandeling rondom Herm. Alhoewel het al lang geleden is dat we hier waren kan ik het me nog goed herinneren. Er is dan ook niets veranderd. Wouter vraagt waar we eigenlijk naar toe lopen, als ik hem vertel dat we een rondje lopen snapt hij er niet zo veel van: ‘dan kunnen we toch beter meteen gaan zwemmen?’.
Geankerd Wandelen
Aan het eind van de middag zeilen we naar Sark waar we ankeren in Dixcard Bay, een mooie baai met een strandje en een grot. Met de dinghy varen we naar de grot. Zodra we in de grot zijn vinden Wouter en Myrthe het toch wel spannend en willen ze er net zo hard weer uit als dat ze er net in wilden. Wouter mag sturen in de dinghy en zit te stralen als hij de gas hendel in zijn hand heeft. We maken nog een wandelingetje over Sark en hebben er gelukkig aan gedacht om een zaklampje mee te nemen, want als we terug lopen is het in het bos al pikdonker. Sark is een leuk eiland, en een soort mini landje, met eigen regels, een eigen ziekenhuis, politie, gevangenis etc. Er rijden geen auto’s (alleen een paar traktoren die dienst doen als bagage vervoer, brandweer en zieken auto. Het beheer over het eiland gebeurt door de Signeur (een soort Lord).
Bloemen
Zondag blijven we liggen in Dixcard bay en maken een langere wandeling over Sark naar het dorpje en de tuinen van de voormalige Signeur’s woning waar ook een echte doolhof in is. Dit is voor Wouter en Myrthe het hoogtepunt van de dag en ze zijn ook veel sneller bij de vlag dan dat Ranka en ik hem gevonden hebben (wat het natuurlijk nog veel leuker maakt). Gelukkig kunnen we nog wat brood kopen voordat we weer terug lopen naar Dixcard Bay.
SarkSark
Maandag vertrekken we met zuidgaand tij richting Brest. In het begin staat er nog niet zo heel veel wind, maar later kunnen we heerlijk zeilen. Als we bij Roscoff zijn besluiten we hier ’s avonds binnen te lopen, en te wachten op het goede tij om door het “Chenal du Four” te varen. Slaapt ook lekkerder als je in de haven ligt en we kunnen meteen afval weggooien en de accu’s opladen. We twijfelen nog of we niet door zullen varen naar L’Aber Wrac’h, maar om dat in het donker aan te lopen vind ik toch minder handig (veel rotsen, terwijl Roscoff eenvoudig en veilig is aan te lopen). Dinsdag ochtend vertrekken we vroeg om het tij door “Chenal du Four” te halen. Helaas is er weinig wind, dus we schieten niet erg op, maar we kunnen wel zeilen. Als we voorbij L’Aber Wrac’h varen, horen we via de marifoon dat een Engelsman op de rotsen is gevaren. Zijn boot is lek, maar het wordt laag water en hij probeert hem te repareren voordat het water weer op komt. Het laatste wat wij horen is dat het lijkt te lukken… Toch fijn dat wij hier niet midden in de nacht zijn binnengelopen… In het “Chenal du Four” zijn we eigenlijk iets te laat en dat merken we ook als we bij de Le Grand Vinotière zijn, want er staat een forse stroom tegen. We moeten de motor flink bij zetten om er nog een beetje tegenin te komen, precies op tijd denk ik, want over een half uur staat hier 5 knopen stroom en kom je er niet meer tegen in… Het laatste stuk naar Camaret kunnen we weer heerlijk zeilen. De haven van Camaret ligt vol, maar we kunnen aanmeren bij landgenoten die met een enorme Hallberg Rassy (zeker 50 foot) naar Frankrijk zijn komen zeilen. Ons schip lijkt opeens een “klein scheepje” naast dit schip.

We lopen naar het plaatsje, doen boodschappen en halen het weerbericht op. Blijkt dat er nog tot vrijdag ochtend een noordelijke wind is en dat de wind daarna naar het zuidwesten draait. We wikken en wegen maar nemen dan toch het besluit om vanavond direct door te gaan zodat we nog in dit weervenster de Golf van Biscaye kunnen oversteken. Nadat we getankt hebben, en de dinghy hebben opgeruimd zijn we klaar om te vertrekken. We schatten in dat we zo’n drie dagen nodig hebben om naar A Coruña te varen. We vertrekken met een heerlijk bakstag windje naar Ile de Seine via het “Chenal du Grand Leac’h”. Hoe we ook zoeken, we kunnen de noord en zuid kardinaal (bij Mendufa) waar we tussendoor moeten, maar niet zien (het is inmiddels donker), totdat ik ze met de verrekijker ontwaar, en als we er zo goed als langs varen, blijken ze niet verlicht te zijn… Rare jongens die Fransen, gelukkig is de kaart waar we op varen erg nauwkeurig en varen we er toch precies tussendoor. We varen ten westen om Île de Seine heen om dan koers te zetten naar A Coruña.

We hebben wel eerder samen een nacht door gevaren, maar nooit meerdere nachten achter elkaar. We spreken een wachtschema af waarbij we elkaar aflossen om de drie uur. Ik heb de eerste wacht en al snel hoor ik wat gespetter rondom de boot. Als ik achter de boot kijk zie ik in het licht van de lichtgevende algen -die oplichten als je er overheen vaart tot een soort lint van flikkerende lichtpuntjes achter de boot- twee dolfijnen zwemmen. Echt een prachtig, en bijna onwerkelijk gezicht, ook nog onder een prachtige sterrenhemel. Heerlijk rustig varen we de nacht door. Ik vind het altijd rustgevend om ’s nachts onder de sterrenhemel door te varen, met alleen het geklots van de golven waar de boot doorheen vaart. We hebben ook nog stroom mee dus we schieten ook lekker op met zo’n 7 knoop over de grond en 6 door het water.

De volgende ochtend (woensdag ochtend) valt de wind weg. Door de golven die er nog staan (je zit op open zee dus de golven komen zo van de Atlantische Oceaan) schommelt het schip, en als er dan weinig wind staat, gaan de zeilen erg klapperen. Uiteindelijk zakt de wind tot 5 knopen van achteren en zetten we de motor aan. We proberen nog te motorzeilen, maar zonder zeil gaan we toch een knoop harder. Even later zien we een Frans marineschip voorbij varen dat vervolgens achter ons bij draait en ons een tijdje blijft volgen. Als we het genoeg vinden roepen we Wouter en Myrthe aan dek (wekt altijd vertrouwen, kinderen aan boord) en ja hoor, vrijwel direct zwaait het marineschip weer af en vervolgt zijn oorspronkelijke route. Als ik even later door de verrekijker kijk zie ik een soort brede toren, maar daar is alleen maar…zee! Als ik goed kijk denk ik dat het de opbouw van een onderzeeër is, kan ook wel kloppen want op de kaart staat dat het een oefengebied voor onderzeeërs is. Waarschijnlijk kwam het marineschip net van deze onderzeeër vandaan. Verder proberen we woensdag en donderdag van alles om toch te kunnen zeilen: we zetten de Gennaker op, gaat wel goed, maar dan als je richting Gijon vaart en dat was nou ook weer niet de bedoeling, daarna proberen we nog op twee oren, gaat ook weer paar uur goed tot de wind helemaal wegvalt.
Varen
Verder is het gewoon een lang stuk over zee, het valt me alles mee hoe Wouter en Myrthe zich vermaken en we zien ontzettend veel Dolfijnen. Hoogtepunt is als Wouter voor op de boeg zit en er een Dolfijn tegen zijn voet aan springt. ook zien we Dolfijnen helemaal uit het water springen alsof ze zo uit het Dolfinarium zijn gekomen.
Vliegende Dolfijn
Donderdagavond is er zo weinig wind dat we buiten in de kuip Monopoly kunnen spelen zonder dat het papiergeld weg waait… dan is er echt heeeeel weinig wind! We gaan veel te lang door, maar als het donker wordt besluiten we toch maar te stoppen en te gaan slapen. De eerste wacht heeft zijn slaap al gemist… maar goed, morgen denken we toch echt aan te komen in A Coruña en dan kunnen we lekker bijslapen.

Vrijdag ochtend is er eindelijk weer wind! Heerlijk, we hijsen snel de zeilen en in het begin gaan we nog iets langzamer dan we op de motor gingen, maar de wind trekt aan en ruimt ook nog een beetje zodat we steeds lekkerder gaan varen. Het is een heerlijke halve wind en als we ’s middags bij A Coruña zijn stuiven de we de baai in met acht knopen, dat voelt lekker na twee dagen dobberen en motoren.

Nog leuker is het als we de haven in varen en Jesper en Thomas van de Volonté (een andere vertrekkersboot) op de kade al staan te roepen. Wouter en Myrthe zijn dolblij dat ze Nederlandse kinderen zien en binnen de kortste tijd zijn ze dikke maatjes. Het is lekker in de haven te zijn en we zijn ook wel moe. Behalve de Volonté ligt ook de Antares in A Coruña, dus dat is erg gezellig. Zaterdag avond bakt Aranka pannekoeken voor Jesper, Thomas en onze kinderen. Daarna sluiten we aan bij de borrel op Ojala met de bemanning van de Volonté, de Antares en ook van de Windover en de Ojala die hier ook allebei liggen.
A
Zaterdag gaan we overdag het centrum in en lopen langs de vele winkeltjes en het grote plein vlak bij de haven. We doen de was, doen boodschappen en kijken naar de kluslijst: Bevestiging WC-bril is afgebroken, slang van de douche is opnieuw los geschoten en moet dus op betere manier worden vastgezet, en nog wat kleine zaakjes. Helaas is de winkel waar je alles voor je zeilboot kan krijgen dicht op zaterdag, dus we zullen tot maandag moeten wachten.
A A
Zondag lopen we naar de vuurtoren Hercules en eten lekker in het centrum. ’s Avonds is er op het plein een leuk feest met clown en acrobaten waar Wouter en Myrthe hun ogen uitkijken. Als we ’s avonds terug lopen resaliseer ik me dat we nu twee weken onderweg zijn en dat ik in een normale vakantie nu alweer volop bezig zou zijn met de terug reis. Nu voelt het echter nog steeds of we aan het begin zitten van onze reis en dat geeft wel een heerlijk gevoel van vrijheid!
A

18-20 oktober – Dolfijnen in de Noordzee?

Aangezien het nog een mooi weekend wordt willen we dit weekend nog zeilen voordat de boot weer onder een dik winterzeil verdwijnt. De wind is vooral zuid, dus we willen zaterdag naar Schevingen, dan is het zondag voor de wind terug varen. Vrijdag ochtend breng ik alvast de Genua en een nieuw Rocna anker naar de boot voor mijn eerste afspraak in Amsterdam. Als ik aan kom lopen vraagt de bemanning van de boot naast ons of ik van AT5 ben? Even later verschijnt AT5 inderdaad voor een opname in de haven war onze boot ook op staat.

Myrthe heeft gevraagd of Lieve, haar vriendin, mee mag. Vrijdag eten we vroeg en halen dan Lieve op en rijden naar Amsterdam. Zaterdag willen we bijtijds vertrekken om de stroom mee te hebben en om voordat het gaat regenen in Scheveningen te zijn. Als we op de boot zijn vind Lieve de boot erg leuk en Myrthe moet natuurlijk alle hoekjes laten zien, je zou denken dat er onweer op komst is… Als ze tot rust zijn gekomen leggen we ze in bed. Wij zij zelf ook moe en hebben eigenlijk geen puf om nu nog naar IJmuiden te varen. Het alternatief, vroeg naar bed gaan en vroeg op staan voelt -nu in ieder geval- veel aantrekkelijker.

Van Herfstvakantie

Ondanks dat het ver in oktober is is het toch warm en ietwat zweterig staan we om vijf uur op. Nadat we thee, koffie en wat boterhammen hebben gemaakt gooien we los en vertrekken we richting IJmuiden. Daar moeten we even wachten bij de sluis, maar net als we willen vastleggen aan de wachtsteiger springen de lichten op rood-groen. De kids zijn inmiddels ook wakker geworden en hebben wel trek in een ontbijtje. Buiten zie ik ze echter niet. Als we de sluis uit zijn hijsen we de zeien. De wind is ZZO en Scheveningen is goed bezeild, er staat echter meer wind dan ik dacht, daarom zetten we twee reven. Daarna loopt de boot lekker en worden de gangboorden zo nu en dan met zout water gespoeld (goed voor het teak). Nu we op een oor liggen komt er zo nu en dan een apenkopje naar buiten om te kijken waar we zijn en hoe het komt dat de boot scheef ligt. Lieve is heel verbaasd dat ze nu opeens midden op zee zit…

De wind ruimt iets in de ochtend en het laatste stuk varen we hoog aan de wind. Het is heerlijk weer met een lekker zonnetje. Bij Scheveningen moeten we nog een klein slagje naar binnen maken en rond het middaguur meren we af in de jachthaven. Het eerste wat de kinderen proberen is kijken of ze nog door de spijlen van het hek passen, dat blijft een belangrijke attractie in Scheveningen. Nadat we het zeil netjes opgedoekt hebben, de haven betaald hebben gaan we richting Sea Life. We krijgen korting want we zijn lid geworden van de jachtclub Scheveningen omdat we onze boot na de Zeilreis van volgend jaar in Scheveningen willen leggen. Is toch handiger dan Amsterdam (dichterbij, je kan direct zeilen zonder sluizen, en strand om de hoek).

Bij Sea Life is het voeren van de otters en de piranha’s het hoogtepunt maar ook de haaien, roggen en andere beesten zij leuk. Ik zie ook de Koraalduivel of Lionfish met zijn mooien maar giftige stekels die ik in de Filipijnen met Jeroen in het echt gezien heb. Wel een verschil met het aquarium in Shanghai waar we vorig jaar waren, en dat intens veel groter is. Toch vermaken we ons hier niet minder! Als we uit Sea Life komen is het inderdaad gaan regenen en we lopen snel naar Simonis waar we heerlijk vis eten. Porties zijn wel wat groot dus we kunnen nog een maaltijd kibbeling meenemen voor morgen. ’s Avonds willen Myrthe en Lieve we samen deze blog schrijven, maar verder dan een regel is het nooit gekomen.

Van Herfstvakantie

Zondag ochtend komen Trix en Martijn (de ouders van Lieve) langs met lekkere zelfgemaakte brownie’s. Lieve gaat met hen mee omdat wij vanavond waarschijnlijk pas vrij laat terug zijn. Om een uur of elf vertrekken we en hijsen het zeil in de vissershaven. Buiten staat de wind pal van achteren en bomen de Genua uit zodat we op twee oren varen. Alhoewel de stroom tegen staat schiet het toch lekker op met een dikke 8 knopen door het water. Vandaag zijn de kinderen meer aan dek en net nadat we het over dolfijnen op de Noordzee hebben (en of ze er nou wel of niet zijn) zien we er drie vlak achter onze boot langszwemmen. Dat is dus weer duidelijk, ze zitten er wel (alhoewel het ook bruinvissen geweest kunnen zijn).

Van Herfstvakantie

Op het Noordzeekanaal ruimen we alvast wat spullen op en oefent Wouter met sturen. Rond zes uur ’s avonds ligt de White Witch weer vast in Amsterdam. We hebben geluk want het is de hele dag heerlijk weer geweest en droog gebleven dus we kunnen de zeilen droog opbergen.

Van Herfstvakantie

20131026-125201.jpg

21 september 2013 – Retourtje Scheveningen

‘S Ochtends staan we vroeg op. De White Witch in Blue staat nog bij Oranje Marine op de kant om de motor te repareren. Tijdens onze reis naar Oost Engeland bleef het koelsysteem lekken. Inmiddels is het duidelijk dat dit kwam omdat het onderdeel waar het koelwater in de uitlaat loopt volledig verstopt was door roet uit de motor. Hierdoor bouwde de druk in het koelwater op en werd dit in het interne koelsysteem geperst. Deze volgeroette “exhaust riser” is nu ook vervangen en het probleem met de motor moet nu opgelost zijn.

Om acht uur zijn we bij Oranje Marine en wordt de boot in het water getakeld. Voor het takelen is de achterstag losgemaakt. Aangezien je hier eigenlijk niet fatsoenlijk langs de kade kan liggen (er steken grote rubber blokken uit) kiezen we ervoor om de achterstag zelf vast te zetten terwijl we rondjes varen voor de kade van Oranje Marine. Dat maakt onze start onrustig, want het is best even puzzelen. Het is ook even slikken, want de antenne aansluiting op de dekdoorvoer is kapot gegaan en dat habben ze ons er niet bij verteld. Gelukkig krijgen we de achterstag weer vast, door met de kraanlijn en de grootschoot de mast naar achter te trekken. En dan snel het Noordzeekanaal op.

Om iets voor negen varen we weg richting IJmuiden waar we rond tien uur aankomen. Hier staan Ellen en Herbert al op de kade te wachten. Herbert vaart het weekend met ons mee en is door Ellen weggebracht. Het weer is prima maar de wind staat zuidwest en dus tegen. De wind zal later in de middag ruimen naar zuid-west dus we maken eerst een lange slag naar het westen. Als de zeilen staan is het tijd voor koffie met heerlijke appeltaart die Herbert heeft meegebracht. Ik heb inmiddels ook wel trek en met de hobbelige zeegang is het goed tegen zeeziekte om wat te eten. Het is wel weer even wennen en zo oefenen we voor de IJmuiden enigszins onbedoeld even het overstag gaan.

Van Weekend zeilen naar Scheveningen met Herbert

Na een paar mijl trekt de wind aan en begint de boot uit het roer te lopen. We zetten een rif waarna de boot weer lekker loopt. Wouter en Myrthe zijn gaan slapen, goed tegen zeeziekte en goed voor goed humeur! Ook Ranka is een beetje misselijk door al het gehobbel. Bij de 12 mijlszone gaan we overstag en varen richting Scheveningen. Alhoewel Herbert al lang niet gezeild heeft is hij het nog niet verleerd en is het erg relaxed dat we nu met z’n drieën kunnen zeilen. Net wat meer rust om koffie te zetten of gewoon gezellig te kletsen.

Van Weekend zeilen naar Scheveningen met Herbert

We komen door het ankergebied en alhoewel het lijkt alsof Scheveningen goed bezeild is halen we het net niet doordat de stroom het laatste stuk tegen gaat staan. We komen ongeveer bij de pier van Scheveningen uit. Met stroom en wind tegen gaat het wel erg lang duren en dus zetten we de laatste paar mijl de motor even bij. Om kwart over vijf meren we af in Scheveningen.

Van Weekend zeilen naar Scheveningen met Herbert

Alhoewel we nog niet officieel lid zijn van de Jachtclub Scheveningen krijgen we van de havenmeester toch al lidmaatschapskorting (goede service!). We gaan een hapje eten in de strandtent La Cantina. We hebben genoeg buiten gezeten en zitten binnen heel gezellig. Als Wouter en Myrthe naar bed gaan moeten er uiteraard broodjes gebakken worden met oom Herbert.

Zondag willen we naar het aquarium in Scheveningen. Omdat ongeveer een uur lopen met Wouter en Myrthe ons beetje lang lijkt gaan we met de bus. Net als we ons beginnen af te vragen waarom de bus zo laat komt verteld iemand, die komt langslopen, dat er vanochtend geen bussen rijden in Scheveningen vanwege de vredesloop. Logisch, maar was aardig geweest van de HTM als ze dat even hadden gemeld bij de bushalte of op OV9292. Als alternatief programma gaan Wouter en Myrthe met Ranka naar het strand en gaan Herbert en ik boodschappen doen.

Van Weekend zeilen naar Scheveningen met Herbert

Omdat we niet al te laat in Amsterdam willen aankomen vertrekken we om één uur (ongeveer 2 uur voor de stroom mee gaat staan). Alhoewel het één dag na springtij is merken we niet al te veel van de tegenstroom, We kunnen ook wat dichter onder de kust varen, misschien dat daardoor de stroom niet zo sterk is als gisteren. Het is een heerlijk relaxed tochtje met ruime wind en hoe verder we komen hoe harder we (over de grond) gaan doordat de stroom steeds meer mee gaat staan. Rond zes uur zijn we bij IJmuiden, waar we snel door de sluis kunnen. Op het Noordzee kanaal gaat Herbert koken en ga ik vast opruimen (huikje, rolfokhoes, fenderkleed, etc.) zodat we vlot naar huis kunnen als we in de haven aankomen. Terwijl Myrthe oefent met sturen komt er al snel een heerlijke maaltijd naar boven zodat we iets voor achten met een goed gevulde maag aankomen in Amsterdam met ca. 80 mijl op het log. Ik ga snel de auto ophalen met de Brompton die nog paar kilometer verderop staat bij Oranje marine terwijl Herbert en Aranka de boot leeg halen zodat we om kwart voor negen wegrijden om Herbert na een leuk en gezellig weekend in Heemstede af te zetten. Wouter en Myrthe zijn dan al lang onder zeil.

28 aug. 2013 – Waterballonnen, want Wouter is 50

Zaterdagochtend 24 augustus was het wel echt vroeg opstaan (5 uur vertrekken). Dat zou de laatste tocht van Scheveningen naar IJmuiden en Amsterdam worden, terug naar onze huidige thuishaven.
De voorspelde oostenwind ( 15 knopen = 4 bft) stond helemaal goed. Het was éénmalig het zeil goed instellen om de 20 mijl naar IJmuiden af te leggen. De White Witch liep voor deze vakantie maximale snelheid van 9-9,5 mijl per uur. 7 van het schip zelf en 2 extra stroom mee. Voor een laatste tocht voor deze vakantie dus wel echt genieten en de stuurautomaat kreeg geen kans om dienst te doen.
Terwijl we langs onze vriend Volkert voeren (Zandvoort) om 8 uur in de ochtend, wilden we nog even een sms sturen. Gewoon alleen onze positie van ons schip op onze site, voor de grap. Maar dat lukte helaas niet. Het visserschip De Iris uit Urk gebruikt nog steeds onze mmsi code en dan is alleen de positie van de Iris zichtbaar en niet van de White Witch. Balen en maar weer eens die visser bellen, dat zijn mmsi code echt niet correct is en er nu echt uit moet. Agentschap geeft de officiële codes uit maar doet zelf niets aan handhaving van gebruik. Lekker is dat!

Vanaf IJmuiden is het dan saai over het Noordzeekanaal op de motor twee uur lang brommen. Om mijn eigen humeur een beetje in toom te houden (ik word heel chagrijnig van een vakantie die voorbij is) ben ik toen het schip van binnen gaan schoonmaken en opruimen.
We lagen om 11 uur weer in de thuishaven te Amsterdam. Alle schepen liggen op een andere plek ter voorbereiding van de HISWA. Ook het officiële gebouw is gedurende onze vakantie officieel open gegaan en we gaan even kijken bij de mooie nieuwe toiletten en bij het restaurant. Het ziet er allemaal heel mooi uit. Maar er wordt nog hard gewerkt om alles over twee weken echt af te hebben met tenten en al. Onze auto blijkt gelukkig niet weggesleept te zijn van de parkeerplaats, zoals we dachten toen we de spoedmail van onze havenmeester in Londen ontvingen. Maar ja even je auto weghalen terwijl je op vakantie bent lukt niet. Maar we hadden hem zo netjes aan een zijkant weggezet dat het kennelijk in alle voorbereiding voor HISWA toch niet nodig bleek. We krijgen zelfs gratis toegang tot de HISWA, omdat we onze ligplaats hier hebben. Dat is erg leuk voor Roelof en mij.

Tja en dan is het inpakken en wegwezen. Het is even zoeken naar het adres in Haarlem aan het Spaarne waar Wouter zijn feest geeft omdat hij vijftig is geworden. Nu we zo vroeg terug zijn willen we dat feest natuurlijk niet missen. Mooie afsluiting van onze vakantie met lekkere tappas en gezellig met vrienden. De kinderen genieten van het weerzien met Jorik, Marijn, Yisak en veel anderen en mogen zelfs tijdens de boottocht door Haarlem zelf de rubberboot besturen. Ze raken door het dolle als er met waterballonnen spelletjes worden gedaan. Ik doe dus maar even of ik niets zie van die 10 cm water die inmiddels ook in de wc staat waar de ballonnen bij het fonteintje worden gevuld. En ik heb ook niet gezien dat 1 hele volle waterballon midden in de wc uit elkaar spat. Echt droog waren de kids al niet meer en als het in de avond dan met bakken uit de lucht komt maakt ze dat niets meer uit, ze blijven lekker buiten spelen. Maar Roelof en ik hebben moeite om onze ogen open te houden en nemen ze gauw mee terug naar huis.

27 aug. 2013 – Schoenen onder het zand

Vrijdag 23 augustus hadden Roelof en ik afgesproken om heel vroeg op te staan, voor stroom mee en wind uit de goede hoek. Gelukkig deden we nog een laatste windcheck voor we gingen slapen. En het bleek gunstigere wind als we later weg zouden gaan. Heerlijk uitgeslapen dus.

De kinderen waren direct uit bed al naar het speeltuintje vertrokken. Ze gingen een verassing bouwen. Later mochten we komen kijken. Wouter had geïnspireerd door het boek “Dummie de mummie” een Egyptische piramide gebouwd. Het was een hele moderne ronde vorm; niet bekend uit de oudheid. Myrthe had duidelijk beelden mee uit Londen en had haar eigen versie van de Tower bridge gemaakt. Ze waren niet weg te slepen uit de zandbak, dus Roelof en ik hebben de boot klaargemaakt voor vertrek en hebben ze zo lang mogelijk laten spelen.
En toen vertrokken we uit Stellendam naar Scheveningen. In de sluis deden zich weer bijzondere taferelen voor van hoe je het niet moet doen, zowel bij een zeiler als een strijkijzer. Gelukkig voeren ze niet bij ons binnen!

Eerst moesten we 7 mijl het betonde slijkgat volgen, voordat er weer voldoende water onder onze kiel stond en we richting Rotterdam konden koersen. Met alle schepen uit de sluis gingen we dus door de smalle geul en gelukkig konden we dat nog redelijk zeilend doen zonder het gedreun van de motor. Het was een beetje heiig, maar de wind stond precies goed om naar Scheveningen te komen. De oversteek van de Maasmond was rustig. En we waren eigenlijk zo in Scheveningen. Daar kwamen we mooi rond etenstijd aan dus snel de boot afmeren en op naar een strandtent.
Probleem was dat de kinderen hun schoenen niet konden vinden. Ze bedac, Zandbak, Schoenen onder het zandhten dat die nog in Stellendam waren bij de zandbak. Met enige gene hebben we de havenmeester van Stellendam opgebeld en gevraagd of hij net voor de glijbaan in de speeltuin twee paar schoenen uit de zandbak zou willen uitgraven. Hij heeft het nog gedaan ook voor ons. Echt service. Die moeten we dus nog een keer terughalen.
Dus Wouter met een paar mooie paarse keens van Myrthe en Myrthe op waterschoenen alsnog vertrokken naar de strandtent. Jammer genoeg was de keuken dicht (te weinig personeel) en konden we alleen drinken bestellen. Maar we mochten het oplossen door een patatje verderop te halen en bij de strandtent op te eten. Maar eerst moesten we de kinderen nog uit zee halen. Zonder ons mogen ze naveldiep in het water, maar die navels van hun zitten op een hele gekke plek, ergens bovenop hun kruin. Dat was dus wel even een ernstig gesprek.

26 – 28 oktober Amsterdam – Scheveningen en terug

Omdat we graag nog een tocht met de White Witch willen maken voordat de winter definitief invalt, volgen we het weer al de hele week. Eerst leek het erop dat deze zondag één grote regenbui zou zijn, maar naarmate de week vorderde schoof dat door naar maandag en wordt er voor zaterdag mooi weer voorspeld met een NNO wind, zondag krimpend naar ZW. Mooi weer dus voor een tocht naar Scheveningen. Aranka heeft maandag avond druk de Reeds bestudeerd en omdat de stroom zaterdag maar tot 12:00 naar het zuiden staat gaan we vrijdag alvast naar IJmuiden zodat we het stroomvenster maximaal kunnen gebruiken.

Vrijdag
Vrijdag middag halen we de kinderen op van school en rijden we direct door naam Amsterdam. We willen vlot vertrekken zodat we nog met daglicht in IJmuiden door de sluis kunnen. Maar “vlot” betekent ook altijd extra stress… We vertrekken na een file in Amsterdam om half vijf toch nog redelijk op tijd. We moeten nog tanken maar het tankschip in Amsterdam zien we niet liggen, dus dan tanken we maar in IJmuiden. Onderweg maken we zalmsoep met opgebakken broodjes waar Myrthe en Wouter dol op blijken te zijn. “Pappa, weet je waarom ik deze soep zo lekker vind? omdat ik hou van soep!” Rond zes uur komen we bij de sluis aan, waar we afmeren met een spring vanaf de middenbolder, methode werkt wel, maar trekt de voorpunt wel erg naar de sluismuur. Ook merken we dat we de fenders niet te laag moeten hangen. We krijgen in de sluis nog bezoek van de douane, die tevreden zijn als we Nederlands blijken te zijn, maar of we wel even onze vlag willen ophangen…, vergeten in de haast. Maar voor het stukje tot de haven heeft dit echt geen zin, dus ik beloof het plechtig, maar doe het pas de volgende ochtend. Het dieselstation ziet er dicht uit dus tanken doen we zaterdag wel. Om half zeven liggen we netjes afgemeerd in de haven en drinken we nog een kop koffie met appeltaart in het restaurant boven de receptie.

Zaterdag
Zaterdag staan we vroeg op, eigenlijk willen we om acht uur varen…, maar dat lukt natuurlijk niet want er is nog veel te veel te doen. Als we om half negen bij het tankstation liggen blijkt dat in het weekend gesloten. Gelukkig valt dat wel mee want bij de receptie is iemand die wel even de pomp wil bedienen. Het blijkt lastig om er diesel in te krijgen, terwijl de meter nog driekwart leeg staat loopt de diesel er al uit. Met heel voorzichtig tanken lukt het om er 60 liter in te krijgen, maar staat de meter nog steeds op half gevuld. Toch nog eens bij de vorige eigenaar vragen, want geen idee hoe vol de tank nu echt zit. Als we om half tien echt afvaren hangt er een gifzwarte lucht boven zee, Aranka vraagt zich nog even af of dit nu echt wel verstandig is, maar weerbericht is OK, en ook op de buienradar zien we dat dit echt weer voorbij gaat… We zetten twee riffen, maar als we de motor uit willen zetten breekt de stopkabel (die ook wel erg stroef ging). Nou ja we hebben in ieder genoeg diesel aan boord… We laten de motor maar even stationair draaien. Al snel klaart het op, regen maakt plaats voor heerlijk zonnig weer en bovendien vind ik het palletje op de motor waarmee ik hem uit kan zetten. Zo zeilen we even later heerlijk met een prima windje richting Scheveningen. De wind ruimt naar NO, en om hem niet pal van achter te hebben varen we wat westelijker. Een paar mijl voor de Houtrust gijpen we en varen met ruime wind via het ankergebied (Wouter: “Wow Myrthe, je moet echt komen kijken dit schip is echt héééééél groot.) naar de uiterton. In de havenopening wordt nog een rescue oefening gedaan, waarbij de deelnemers één voor één het water in springen. Alhoewel het mooi zonnig weer is lijkt het mij toch erg koud.Kinderen zitten (aangelijnd) op het achterdek

Om drie uur meren we af in de haven. Ik probeer nog een stopkabel te vinden, maar die moet besteld worden. De Bromton is wel erg gemakkelijk, samen met Myrthe fietsen we nog door de haven, verder rommelen we wat aan boord en ’s avonds gaan we naar Simonis om daar een visje te eten. Onderweg lopen we langs het havencafé om te betalen, en krijgt Myrthe kleurplaten. Nou ja dan kan je ook niet meteen weglopen en bovendien hebben we ook wel trek in een biertje/wijntje. Dan komen ook de hondjes nog binnen die Wouter en Myrthe zich herinneren van de vorige keer en is het helemaal goed. Als ons biertje op is (en de Fristie over de vloer…), lopen we om de haven naar Simonis. Bij Simonis is het druk (“Alle lopers met spoed naar de bakpan!”), maar de vis is heerlijk. Als we terugkomen bij de haven blijkt de pas die we gekregen hebben het niet te doen. Ik wil al de havenmeester bellen, maar Wouter heeft zich al door het hek gewurmd, en laat ons erin, toch wel handig zo’n boefje aan boord. Met het kacheltje is het behaaglijk warm, wat ons ook rozig maakt zodat wij nadat de kinderen slapen zelf ook vrij snel ons bed in duiken.Wouter kruipt door het hek om ons erin te laten

Zondag
We hoeven vandaag pas rond een uur of twaalf weg, en bovendien hebben we een uur extra omdat vandaag de zomertijd is afgelopen. Wel even opletten met hoogwatertijden… Om acht uur staan we op, en nadat we ontbeten hebben wisselen we de rol-genua I voor de rol-genua IV. Er is behoorlijk wat wind voorspeld en dan is een kleinere fok toch lekkerder varen. We vouwen de Genua I op de steiger op, lijkt me een lastige klus om dit aan boord te doen op volle zee, want het is echt een enorme lap zeil. Net als we klaar zijn met het opvouwen en de kleinere en handzamere Genua IV erop willen zetten komt mijn broer Guido aan die langskomt om ons schip te bekijken voordat hij weer naar Shanghai vliegt, waar hij woont. Guido is de eerste die ons schip komt bekijken en dat is toch leuk want we zijn er ook best trots op.

Om kwart voor twaalf zwaait Guido ons uit als we vertrekken. We hijsen het grootzeil (met twee riffen er nog in) in de eerste haven waarna we de haven uitzeilen. Op zee staat er (nog) weinig wind en dus haal ik de riffen eruit. We lopen al direct zo’n zeven knoop, maar de wind neemt verder toe, en ook de stroom wordt nog wat sterker. Onder een frontje dat overkomt staat er wat meer wind (25 tot 30 knopen) en gaan we al snel 9 tot 10 knopen over de grond…, dat schiet lekker op. Eigenlijk zou het grootzeil nu wel gereefd moeten worden, maar we varen heerlijk met ruime wind, en de schijnbare wind is met 10 knopen over de grond nog onder de 20 knopen. We zien de kustplaatsen voorbij trekken, de Wassenaarse Slag, waar we in de zomer vaak bij een strandtent eten, Katwijk en Noordwijk. Hier komen we te dicht bij de kust (voorbij de 10 meter dieptelijn) en gijpen we, waarna we een koers hebben op de IJ 15 bij IJmuiden. Maar eerst komen we -met nog steeds een snelheid van ruim 9 knopen- langs de zendmasten bij Noordwijkerhout (waar we een paar keer gewandeld hebben) en Zandvoort. Terwijl wij al weer in het zonnetje varen trekt er een grote bui over IJmuiden heen.Wij varen alweer in het zonnetje, terwijl het front boven IJmuiden hangt

Vlak voor de IJ 15 zet ik twee riffen (er is nog steeds ruim 25 knopen wind, en als we IJmuiden binnen lopen, varen we halve wind), en gijpen we om zo -weggezet door de stroom- langzaam de geleide lichten in één lijn te krijgen. In de buitenhaven rollen we de fok in, en bij de ingang van de jachthaven strijken we het grootzeil.

De sluis gaat vrijwel direct open en we meren deze keer af met als eerste de achter landvast die Aranka midscheeps om een bolder legt. Methode volgens het boekje en werkt ook goed en gecontroleerd. Om vier uur ’s middags zijn we de sluis weer uit en varen we op de motor en een fok door het Noorzeekanaal. Aranka kookt rijst met groente en gehakt zodat we als we in Amsterdam aankomen vast gegeten hebben. Langzaam wordt het donker, wat wel leuk is op het Noordzeekanaal met alle schepen en lichtjes. Er komt ons een fel verlicht cruise schip tegemoet, een vrachtvaarder komt vlak voor ons een haven uit en schiet even onverwachts vlak voor onze neus een volgende haven weer in. Rond een uur of zes zijn we bij de Jachthaven, maar ligt er een ander schip op ons plekje… We zoeken maar een andere plaatsje. Gelukkig blijkt dit volgens onze nieuwe buurman niet een plek te zijn waar al iemand “vast” ligt. Ik bel de havenmeester, maar kom op zijn voicemail uit. Hopen maar dat we hier kunnen blijven liggen. Het opruimen, zeil opvouwen, huikje erop, rolfokhoes erop, lijnen opruimen etc etc duurt ook nog ruim een uur en zo rijden we om kwart voor acht moe, maar ook zeer voldaan naar huis.

28 september 2012 – Met de White Witch van Vlissingen naar Amsterdam

Vanochtend handtekening gezet bij de notaris, en nu is het zover en zijn we de trotse eigenaar van de White Witch. Het is nog wel wennen. Leuk dat het vandaag ook Aranka’s verjaardag is. ’s Middags gaan we met de trein – die zonder duidelijke reden bijna half uur vertraagd is – naar Vlissingen. Voor Wouter en Myrthe is het wel een lange reis, maar in Vlissingen kennen we iedereen in ons stuk van de trein: “Wij gaan naar de boot, waar ga jij naartoe”, “En in welke plaats woon je dan?, En in welke straat?” Etc.

In Vlissingen de boot ingericht en nog een hapje gegeten in het centrum, bij de Michiel de Ruyter haven. Als we teruglopen zijn de kinderen echt moe, maar met een hardloop wedstrijden zijn we zo bij de boot.

Zaterdag eerst boodschappen gedaan, erg handig zo’n vouwfiets aan boord. Via de Appie app kom ik bij de AH XL, waar de vouwfiets trouwens in de winkel ook wel van pas zou komen… Terug bij de boot zijn Harrie en Jantine (de vorige eigenaren) naar de haven gekomen om “hun schip” uit te zwaaien. We nemen afscheid en dan varen we rond 10 uur nog wat onwennig richting de sluis. In de sluis is nog wel even wennen, maar gaat het verder prima. Bij het uitvaren van de sluis blijft een boot voor ons vast zitten met een lijn en gaat er ook nog iemand overboord, wat leidt tot grote hilariteit van bemanning op deze boot en blijkbaar “bevriend” zusterschip.

Van Vlissingen tot Westkapelle hebben we tegenstroom en vrijwel tegenwind. Om voldoende vaart te houden varen we eerste 10 mijl op grootzeil en motor, daarna gaat de Genua uit en varen we halve tot ruime wind met de stroom mee. Door het water tussen de 7 en 8 knoop, over de grond ruim 9, dat schiet lekker op. Wouter en Myrthe zijn allebei een beetje misselijk, ook Aranka heeft last van misselijkheid, maar dat gaat gelukkig over als ze achter het roer staat. Het is echt heerlijke zonnige dag! Hopelijk zijn we in Scheveningen voor het donker.

Rond half zes zijn we bij de Maasmond waar we langs de Tweede Maasvlakte varen die op de kaart nog fictief is, maar er nu in het echt al wel ligt. Het is druk met in en uitvarende schepen, maar we passen er mooi tussendoor. Om een uur of zeven varen we -inderdaad nog met daglicht- Scheveningen binnen waar we bij het café van de haven worden getrakteerd op gratis kibbeling en scholletjes, dat gaat er wel in! Als ik praatje maak met een zeiler die zijn boot hier vast heeft liggen en vertel dat het onze eerste tocht is op ons eigen schip zegt hij dat de mooiste momenten zijn, als je je schip net gekocht hebt en.. als je het net verkocht hebt. Weet niet of ik daar nou vrolijk van wordt, maar des te meer reden om er nu van te genieten. Daarna kinderen -die vandaag nog weinig beweging hebben gehad- even “uitgelaten” en een heerlijk toetje gegeten bij het Brouwcafé (aanrader!).

Na een goede nachtrust lonken de verse (afbak)broodjes. Het lukte niet direct om de oven aan te krijgen, Roelof moest de gasknop ingedrukt blijven houden, maar wist dat met een trucje met een lat voor elkaar te krijgen. Dat werd dus toch een lekker ontbijt. Myrthe en Wouter hebben beiden een primatour pilletje geslikt tegen zeeziekte waar ze inderdaad geen last van hebben gehad. Het was heel relaxed in de haven van Scheveningen, weinig wind en een lekker zonnetje. Myrthe wilde zelfs even het zwemplateau uitproberen, maar het leek ook haar bij nader inzien toch wat (te) koud.

Na wat rommelen en voorbereiden vertrokken we om 11 uur. We hebben netjes toestemming gevraagd om door “de Pijp” de haven te verlaten. Toch maar niet in de haven het zeil gehesen omdat er net kinderen les hadden in optimistjes. Uit de haven stond er een flinke bries en golfslag, dus 2 riffen in het grootzeil gelegd wat even wat werk was op de stampende boot in de golven. Ook direct de bulletalie gezet, we gebruiken een lange lijn rondom zodat je hiervoor niet naar het voordek hoeft. De wind stond kwam uit het zuid westen en dus recht van achteren.

We voeren langs de Pier van Scheveningen met alleen het grootzeil en 1 knoop stroom tegen toch al gauw 6-7 knopen. Erg leuk om zo langs de kust te zeilen waar je vaak hebt gelopen en in de strandtenten eet bij de Wassenaarse slag met heel veel kitesurfers die ook van de wind genoten.

De kinderen waren heel vrolijk en zaten met zijn tweeën bij de ingang van de kuip. Ze zaten liedjes te zingen en te kietelen, zo melig als ze maar kunnen zijn samen. Ook keken ze achterom naar de golven en riepen af en toe: “moet je kijken, die is hoog, whooooo!!!!.” Eén golf was zo nieuwsgierig, die brak tegen de zijkant van de boot en rolde bijna naar binnen. Maar we bleven droog. De boot zeilde goed, maar door de golven en wind van achteren schommelden we erg heen en weer waardoor inhoud van de kastjes van de ene naar de andere kant schoof (nog te lege kastjes…). Ook koos de I-Pad het luchtruim, maar deze werd door Wouter gered.

We hebben behalve de marifoon nog weinig gebruik gemaakt van de apparatuur (radar, plotter, navtex, weatherfax) aan boord. We kennen het nog niet zo goed of weten nog niet goed hoe het werkt, maar het geeft ons al wel een indruk wat we willen gaan vervangen door wat moderne apparaten.

Na een tukje mijnerzijds was IJmuiden in beeld. Bij de ingang stond een behoorlijke deining, maar bij de sluizen was het gelukkig weer rustig. We hebben nog even geprobeerd te zeilen op het Noorzeekanaal maar er waren te veel luwtes en we wilden ook niet te laat in Amsterdam aankomen.

Ca. 2 uur later kwamen we rond zeven uur in “Amsterdam Marina” aan. De haven was totaal verlaten, maar gelukkig stond het nummer van de havenmeester op de deur zodat we konden bellen en vragen waar we de boot konden neerleggen. Toen nog iemand gevonden die voor ons het hek open kon maken en met het pondje naar Amsterdam Centraal gegaan en toen snel met de trein naar huis.”

Wouter: “Vandaag vind ik de zeiltocht heel erg leuk, omdat zeilen erg leuk is.”